Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Arjen van Veelen. Aantekeningen over het verplaatsen van obelisken. Amsterdam: De Bezige Bij, 2017

Wat zijn genres toch ellendige dingen. Aantekeningen over het verplaatsen van obelisken is een van de interessantste boeken die het afgelopen jaar verscheen, maar ik vermoed dat er betrekkelijk weinig kans is dat het een prijs krijgt, omdat prijzen nu eenmaal gaan naar romans. En het is wel ongeveer een roman, maar niet helemaal. Wanneer alle aandacht in de literaire cultuur was uitgegaan naar essays, had dat predicaat waarschijnlijk op de omslag gestaan.

Aantekeningen is in veel opzichten een essay in de ware, Montaigneske, betekenis van het woord: een zelfonderzoek. Van Veelen beschrijft zijn zeer intense vriendschap met Thomas Blondeau, de manier waarop hij de plotselinge dood van zijn vriend moest verwerken, en hij vlecht er beschouwingen in over onder andere Alexander de Grote, de manier waarop er in Alexandrië met Alexanders nagedachtenis wordt omgegaan, en Kavafis. Voor alles is het een gedachtegang over wat het over Van Veelen zegt dat hij zo door déze vriend heeft laten meesl…
Recente posts

Jacob Israël de Haan. Liederen. Amsterdam: Van Kampen & zn, 1917.

Weinig Nederlandse dichters hebben de onrust van het jaar 1917 zo beeldend onder woorden gebracht als Jacob Israël de Haan (1881-1924) in zijn bundel Liederen. Dat kon ook bijna niet anders, want die onrust zat ook in hemzelf, een man die voortdurend op reis was, zowel in letterlijke als in figuurlijke zin.

Eerder had hij al opzien gebaard met de expliciet homoseksuele romans Pijpelijntjes en Pathologieën. Een paar jaar na verschijning van Liederen zou hij als zionist vertrekken naar Palestina om er uiteindelijk als orthodoxe jood te worden neergeschoten.

Al die thema’s zitten in Liederen, en nog meer. Het is een bundel die alleen in 1917 geschreven had kunnen worden. Hij begint met een aantal liederen die gewijd zijn aan de gruwelen van de Eerste Wereldoorlog; daarna volgen een aantal gedichten gericht ‘aan Russische vrienden’: rond 1913 was De Haan zich hard gaan maken voor de (vaak socialistische) politieke gevangenen in Russische gevangenissen; hierna volgen nog veel andere sonne…

Daniel Kehlmann. Tyll. Rowohlt, 2017.

Waarom Tijl Uilenspiegel een belangrijke rol speelt in dit boek vind ik makkelijker te verklaren dan waarom het ook naar hem genoemd is. Tyll is wat mij betreft vooral een boek over de enorme puinhoop die het is op deze wereld, hoe vreselijk de mensen zijn tegen elkaar, hoe waanwijs, hoe weinig mensen willen toegeven dat ze ook maar in het duister tasten, en dat alles dan verbeeld in een van de gruwelijkste perioden in de Duitse geschiedenis, die van de Dertigjarige oorlog.

Tijl Uilenspiegel past daar, als pestkop, als man die een ezel kan laten praten (die ezel is een van de mooiste personages in dit boek en een van de beste bijpersonages ooit), als msyterieus middelpunt, goed in. Dat hij eigenlijk een middeleeuws personage is, komt ook nog goed uit: zo voel je hoe die middeleeuwen ook nog in de 17e eeuw doorwerkten.

Maar hoezo het boek naar hem genoemd zou zijn, is me niet helemaal duidelijk. Zoals de meeste van Kehlmanns boeken die ik gelezen heb, bestaat Tyll feitelijk uit een aa…

E.H. Whinfield. Tales from Rumi. Essential Selections from the Mathnawi. Watkins, 2014.

De menselijke geest is rijk genoeg dat groepen mensen een cultureel systeem kunnen bedenken die voor anderen altijd ontoegankelijk zullen blijven. Het soefisme, daar zal ik bijvoorbeeld nooit bij kunnen.

Dit boekje, Tales from Rumi, geeft een selectie in het Engels, en zal dus bedoeld zijn voor mensen zoals ik, mensen die niet in de traditie zitten. Maar het is voor mij allemaal abacadabra, ik begrijp de portee niet van de verhalen, ik begrijp niet waarom die verhalen verteld worden, ik zie niet wat ik moet met de Mathnawi, dat toch een van de hoogtepunten schijnt te zijn van de menselijke beschaving.

Dat ligt natuurlijk niet aan Rumi. Het ligt misschien voor een deel aan mij, hoewel ik echt alleen maar kan zeggen dat ik in de loop der tijd mijn best heb gedaan om verder door te dringen. Regelmatig heb ik dit boekje in de afgelopen jaren ter hand genomen, steeds heb ik het echt geprobeerd.

Het zou eventueel aan de samensteller en vertaler kunnen liggen, aan meneer Whinfield, en om da…

Mieke Koenen. Dwars tegen de keer. Leven en werk van Ida Gerhardt. Amsterdam: Athenaeum, 2014.

Er zijn allerlei zaken die je je kunt afvragen over Ida Gerhardt. Waar had zij haar verpletterende talent vandaan, net als haar zus Truus? Geloofde ze écht dat ze als dichteres een ziener was, die werkte voor haar vaderland? Wat was nu precies haar relatie met haar vriendin Marie?

Op de meeste van die vragen vind je geen antwoord in deze biografie en dat is omdat je de vragen wel kunt stellen maar niet beantwoorden. En speculatie over zulke vragen dus onzin zou kunnen zijn. Dwars tegen de keer is echt een modelbiografie. De hele tijd denkt de lezer, als die Gerhardts werk tenminste een beetje kent: oh, zit dat zo! Want voor een schrijfster die zo gekant was tegen al te veel openhartigheid leunt een opvallend deel van het werk feitelijk op biografische informatie – en dan heus niet alleen over haar problematische relatie met haar moeder. De hele tijd komt de lezer meer te weten over deze vrouw – wat er in haar te bewonderen is en waarover je je wenkbrauwen kunt optrekken, want Koenen …

Désanne van Brederode. Als stilte steekt. Het effect van collectief zwijgen over misstanden en wandaden. Amsterdam: Querido, 2017.

In Als stilte steekt wil Désanne van Brederode vertellen over de gemeenschap van vluchtelingen uit Syrië, zoals die zich inmiddels in Nederland gevormd heeft, en zij probeert vooral inzichtelijk te maken hoe vreselijk de situatie was waarin zij verkeerden toen zij moesten vluchten.

Haar betoog is politiek Het beschrijft vooral de gruwelen van het regime Assad en in iets mindere mate van de islamistische terreur die dat regime heeft opgeroepen.  De titel van het boek verwijst naar een essay dat de schrijfster in 1998 publiceerde: Stiller leven, waarin ze opriep tot een meer teruggetrokken, een contemplatiever leven.

In Als stilte steekt beschrijft ze waarom je soms van die stilte moet afzien. Als er zulke gruwelijke dingen gebeuren als in Syrië, is het onmenselijk om te zwijgen. Nog niet eens alleen maar omdat je door te spreken iets zou kunnen veranderen aan die gruwelen, maar omdat de Syriërs die hier zijn behoefte hebben aan steun, aan begrip, aan mensen die niet stil zijn, maar pra…

Tom Lanoye. Zuivering. Amsterdam: Prometheus, 2017.

Gideon Rotier maakt overdag de huizen van zelfmoordenaars schoon, en van mensen die zichzelf en hun  omgeving extreem hebben verwaarloosd en luistert dan 's avonds naar Spotify Classical terwijl hij Franse dichters leest. Hij spreekt niet graag, want hij spreekt niet goed.

Hij is kortom, een personage uit een groteske. Een groteske die zich ineens in onze tijd lijkt af te spelen, want er komt een vluchteling binnen uit een land dat op Syrië lijkt, al wordt die naam niet genoemd. Youssef. En er worden in België allerlei terroristische aanslagen gepleegd die Gideon en zijn nieuwe vriend moeten opruimen.

Behalve dat het tóch een groteske is, want er worden wel ineens heel veel aanslagen gepleegd, en hele gruwelijk goed gelukte. En Youssef blijkt uit het niets een gezin te hebben, dat hij naar Gideons huis haalt om hen allen vervolgens te verlaten, op weg naar een beter onderkomen in Brazilië of Mexico.

De tijden waarin we leven zijn af en toe behoorlijk grotesk, maar Zuivering laat z…