Doorgaan naar hoofdcontent
{P} Bill Bryson. Aantekeningen uit een groot land. (Atlas, 2001, vertaling van Notes from a Big Country). Het is een beetje merkwaardig om in het Nederlands een boek te lezen waarin een Amerikaan aan Engelsen uitlegt wat Amerika is. Je vraagt je onwillekeurig toch vaak af hoe hij een en ander in het Engels zou hebben gezegd. Waarom zou de vertaler er bijvoorbeeld voor hebben gekozen om Bryson zijn lezers de hele tijd met jullie aan te spreken ('En nu - en dat meen ik oprecht - wens ik jullie een fijne dag'). Maar ik had het boek nu eenmaal te leen gekregen van R., en in het Nederlands. Dus ik heb het helemaal uitgelezen, en hoewel het niet mijn soort boek is, was dat geen straf.

Op een webpagina noemt iemand hem een

stand up comedian in book form (...)Just as if he was on the stage, he shares anecdotes and findings with us, giving them the ‘Bryson’ twist, just to hand it to us for our amusement.

Misschien verklaart die toon van de standup-comedian wel het 'jullie' van de vertaler. En nu ik erover nadenk is er nog iets in de stijl dat me heel erg verbaasde maar dat misschien wel op deze manier verklaard kan worden: het feit dat Bryson herhaaldelijk wijst op het feit dat hij nu een column aan het schrijven is, maar eigenlijk zelf ook niet precies weet hoe het allemaal af gaat lopen (een column eindigt zo: 'Soms heeft het leven geen sluitend einde. Wat ook voor columns geldt.') en de flauwe grappen ('Mijn vrouw heeft me net geroepen dat het eten op tafel staat (ik zou liever hebben dat het op de borden lag, maar goed)', wel aardig vertaald trouwens, wat zou daar in het Engels staan?)

Toch heb ik het boek wel met plezier gelezen, omdat het allemaal wel amusant is, over New England gaat, de stukjes kort zijn, je je in ieder geval niet hoeft te vervelen. En hij blijft goed in balans, schildert de Amerikanen (en de Engelsen) niet af als idioten, en ook niet als engelen. Om een stukje heb ik echt even moeten lachen, maar ja, dat heette dan ook 'Nieuws over domheid' en het bevat drie onvergetelijke uitspraken van Amerikanen:

Roken maakt mensen dood. En als je gedood wordt, ben je een heel belangrijk deel van je leven kwijt.
(Brooke Shields)
Elke keer als ik tv kijk en die arme, hongerige kinderen zie, overal ter wereld, móét ik wel huilen. Ik bedoel, ik zou dolgraag zo mager als zij willen zijn, maar niet met al die vliegen en dood en zo.'
(Mariah Carey)
Ik zou niet eeuwig willen leven omdat we niet eeuwig horen te leven, want als we eeuwig zouden moeten leven, dan zouden we eeuwig moeten leven, maar we kunnen niet eeuwig leven, en dat is de reden waarom ik niet eeuwig zou willen leven.
(Miss Alabama)

Nog een ding dat me opviel: Bryson doet zich voor als een gezellige Amerikaanse huisvader en tegen de doodstraf is. Maar waarom worden er dan regelmatig mensen doodgewenst?

Reacties

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …