29.3.02

{P} Leonard Nolens. Manieren van leven. Gedichten. Querido, 2001. 'Een honderd procent poëet', zegt Gerrit Komrij op de achterflap, en ik snap geloof ik wel wat ie daarmee bedoelt. Het is soms echt over de grens van het sentimentele, maar het opent met een gedicht als

Wekdroom

Niet weten wat te doen vandaag.
Een hart van slag. Slijtage van benul.
Zich wikkelen diep in een masker van slaap
En slapende werken, op de tast, aan wiens gezicht.

Bang wachten tot het traag te voorschijn wordt gewoeld

Door straatverkeer, een kattensnoet, klef licht
Dat langs de spleten van de luiken lekt
En iemand wakkerlikt tot ik er daag
In versleten manieren van leven.

De dingen die hij met klanken doet (daag-slag-slijtage-slaap, luiken-lekt-likt) vind ik mooi, de woordspelletjes (een hart van slag) ook, het feit dat een dergelijk wakkerwordengedicht de bundel opent,... En het feit dat elke versregel met een hoofdletter begint, niet te vergeten.

Geen opmerkingen: