Doorgaan naar hoofdcontent

O, hoed u voor jaloezie

{p} William Shakespeare. Othello. Vertaald en van commentaar voorzien door Hafid Bouazza. Amsterdam, Prometheus, 2003.

Dit is heel duidelijk de Othello van één persoon, van H. Bouazza. Hij heeft de tekst vertaald en gelardeerd met extra verwijzingen naar de Arabische cultuur van Othello, en her en der wat klassieke Arabische gedichten ingevoegd. Nou goed, daarvan zou je nog kunnen zeggen dat het een bepaald aspect van dit stuk wat meer belicht, en het stuk wat meer laat gaan over de multiculturele maatschappij. Maar tegelijkertijd is de vertaling een essay over de opera Otello van Verdi; regelmatig wordt naar dit stuk verwezen in voetnoten, maar ik zie niet dat dit iets te maken heeft met de Arabische cultuur. Ook staat ergens, op niets af, ineens een verwijzing naar een stripverhaal (Lucky Luke). Als dit allemaal ingebed zou zijn in nog veel meer verwijzingen naar van alles en nog wat, zou het een encyclopedie zijn. Maar bij het bovenstaande blijft het zo'n beetje.

Ik vind dat overigens helemaal niet erg, het heeft wel iets aardigs om zo'n stuk door de ogen van een persoon te zien. De combinatie van vertaling en essay werkt heel goed, en bovendien leest de vertaling op zich prettig.

Vreemd is wel dat op de flap staat dat Iago wraak neemt op Othello omdat hij ervoor verantwoordelijk is dat Iago een benoeming tot luitenant misloopt. Bouazza's verklaring is veel genuanceerder, en komt er onder andere op neer dat Iago zelf ook een vreemdeling (een Spanjaard) is, die het niet kan verdragen dat Othello zo succesvol is. Dat maakt hij ook wel aannemelijk, vind ik.

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

Pauline Slot. Dood van een thrillerschrijfster. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016.

Er zijn te veel schrijvers in de wereld, en te weinig lezers. Zo zit het in ieder geval in de wereld van Pauline Slots nieuwe roman Dood van een thrillerschrijfster. In het hele boek komt er, afgezien van een enkele Griek, slechts één persoon voor die niet schrijft maar leest – al lijkt zelfs deze Stephen even te flirten met de gedachte dat hij weleens een kookboek zou willen maken.

Het boek speelt zich af in een schrijversretraitecentrum in Griekenland dat gedreven wordt door een Nederlandse schrijfster en haar Canadese man (de lezer). Een paar weken per jaar stellen zij hun huis open voor Nederlands- en Engelstaligen die er aan hun boek werken.

Waarom willen al die mensen schrijven? Vooral om schrijver te zijn. Waarom willen ze schrijver zijn? Dat wordt niet helemaal duidelijk, al gaat het er bij de meesten vooral om dat ze rijk en beroemd willen worden. (Er zijn er ook die een intrigerende dichtbundel schrijven of een proefschrift, maar zij zijn in de minderheid.)

Dood van een thril…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…