Doorgaan naar hoofdcontent

Tomas Ross: De zesde mei.

{P}Tomas Ross. De zesde mei. Amsterdam, De Bezige Bij, 2004 (2003).

Ik houd niet zo van 'spannende' boeken, maar ik lees nu eenmaal elk boek dat er over het verschijnsel Pim Fortuyn verschijnt. Omdat ik dat nog steeds niet begrijp. Wat is er ruim twee jaar geleden nu eigenlijk gebeurd?

Tomas Ross geeft antwoord op die vraag, maar op een andere manier dan ik bedoel. Het gaat hem vooral om het waarom van de moord. En hoe tragisch die ook was, die interesseert mij toch wat minder. Ik kan er niet veel meer in zien dan de actie van een gestoorde enkeling. Op de vraag die mij wel nog steeds bezighoudt -- wat was dat toch met de opkomst van Fortuyn en waarom had niemand die zien aankomen -- wordt door dit boek geen antwoord gegeven. Wel wordt er een heel plausibel en, moet ik toegeven, spannend verhaal gepast dat heel kunstig in het bekende verhaal over Fortuyn past. Zoals het hier beschreven wordt, zo had het (ook) kunnen zijn.

Het boek is wel een beetje snel geschreven, en er zitten een paar rare fouten in. Zo is er een jeugdherinnering van de hoofdpersone (een twintiger):


Ze is aan haar bureautje bezig met goniometrie, wat ze niet goed kan. Ze had ook liever gymnasium gedaan, maar daar was haar vader mordicus op tegen vanwege de Griekse mythologie en de veelgoderij, zodat het athenaeum is geworden.


Hier wordt gesuggereerd dat ze de goniometrie had kunnen ontlopen door naar het gymnasium te gaan. Maar dat is onzin. Op het moderne gymnasium en het moderne atheneum krijg je precies evenveel 'goniometrie'. En als je het niet wilt kun je het na een aantal jaar in dezelfde mate laten vallen op beide schooltypen. Ik denk dat Ross in de war was met hoe de verdeling tussen gymnasium en HBS vroeger (in zijn eigen schooltijd) was; dat hij gelooft dat het atheneum net zoiets is als de HBS en dat het gymnasium ook hetzelfde gebleven is. De passage vertelt me verder overigens weinig over het karakter van dit personage (of van haar vader) dat ik niet al wist en dat is wel een ander teken van de haast: de soms volkomen loze passages die er aan deze of gene gewijd worden.

Reacties

Anoniem zei…
Kijk eens op www.opdenvinken.nl
voor boeken over Pim Fortuyn
Anoniem zei…
Wat mij betreft hadden de eerste 100 pagina's in 5 pagina's samengevat mogen worden. Het verhaal hoort geen 100 pagina's nodig te hebben om op gang te komen, als ik het boek niet verplicht voor school had moeten lezen, zou ik het misschien niet eens uitgelezen hebben.

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …