Doorgaan naar hoofdcontent

Kees 't Hart. Ter navolging

Kees 't Hart. Ter navolging. Amsterdam: Querido, 2004.

Een jonge promovendus wil in zijn onderzoek het werk van zijn vader overdoen. Die vader wilde in de jaren vijftig een roman schrijven over Betje Wolff en Aagje Deken. De zoon wil dat aan het begin van de eenentwintigste eeuw overdoen door een 'netwerk'-studie te doen naar de achtergronden van de schrijfsters. Hij denkt daarbij te stuiten op allerlei merkwaardige praktijken waar die ogenschijnlijk zo brave dames zich mee bezighielden: pornografie, revolutie, aardappelsmokkel, illegale loterijen. Ondertussen heeft hij nog van alles aan de hand met de dochter van zijn promotor; binnen twee maanden wordt hij zeer verliefd op haar én bedriegt hij haar. Het boek heeft in alle opzichten een happy end.

Als ik een beetje smokkel was dit niet zo'n spannend boek hoor. De eventuele misdrijven zijn in ieder geval heel onschuldig: vervalsing in archieven, overspel, dat soort werk. Maar wat een boek! Bij tijd en wijle is het heel grappig (de satire op de manier waarop in een gemeenteraad wordt vergaderd over een literair evenement, de manier waarop in geleerde kringen wordt vergaderd over de vraag welk project wordt uitgevoerd), maar vooral is het een adembenemend spel, met de romanschrijfkunst, met de geschiedenis, met de verschillen tussen man en vrouw, met van alles en nog wat. Er komen werkelijk bestaande personen in voor, niet alleen uit het verleden (Wolff en Deken) maar ook uit het heden (Buijnsters, Van Oostrom). Je kunt niet echt zeggen dat het moeilijk is om werkelijkheid en fictie te scheiden, want het is allemaal duidelijk verzonnen. Het boek lijkt onder andere 't Harts manier om het tweehonderdjarig bestaan van de romankunst in Nederland te vieren -- althans, het feit dat Wolff en Deken in 1804 begraven werden op de Haagse begraafplaats Ter Navolging speelt nogal een belangrijke rol in het boek.

Het boek heeft wel een paar dingen gemeen met dat van Pfeijffer, zoals dat verschillende personen in een eigen schrijfstijl aan het woord komen -- het boek is een brievenroman, net als Sara Burgerhart. Bij 't Hart zijn de stilistische verschillen wel wat subtieler, zoals ook het spel met 'de mensen zijn niet wat ze lijken' wat subtieler gespeeld wordt. Aan het eind lijken een aantal dingen waarvan langzaamaan bleek dat ze niet waar waren ineens toch weer wel waar. Het is een rijk boek, dat ik nog weleens vaker ga lezen.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Paul Celan. Verzamelde gedichten. Amsterdam: Meulenhoff, 2003.

Met een vertaling van Ton Naaijkens.Dit is het verslag van een mislukking. Paul Celan is een groot dichter die ook in Nederlandgerespecteerde liefhebbers heeft, en door een van hen, de hoogleraar Duits en vertaalwetenschap Ton Naaijkens, in het Nederlands is vertaald. Celans verhaal - dat van een Duitstalige Roemeense Jood die na de oorlog het Duits opnieuw moest uitvinden om een glimp de verschrikkingen op te kunnen schrijven - is indrukwekkend, en zijn Verzamelde gedichten zijn in het Nederlands ongehoord prachtig opgeschreven.Maar het boek ziet er ook uit als een brok geblakerd beton, en het is me niet gelukt om er doorheen te breken. Ik begrijp niet wat ik als lezer verondersteld wordt te doen met een gedicht als:Das umhergestossene
Immer-Licht, lehmgelb,
hinter
PlanetenhäuptenErfundene
Blicke, Seh-
narben,
ins Raumschiff gekerbt,
betteln im Erden-
münder.(Het alle kanten op gestoten
steeds licht, leemgeel,
achter
planetenhoofden.Bedachte
blikken, kijk-
krassen, diep
in het ruimte…