Doorgaan naar hoofdcontent

Ingmar Heytze. Nietzsche schrijft een laatste vers

Ingmar Heytze. Nietzsche schrijft een laatste vers. Gedichten over filosofen. Amsterdam: Podium, 2004.

"Mogelijk zal mijn werkwijze sommige lezers tegen de borst stuitten", schrijft Ingmar Heytze in het nawoord bij deze bundel, "als flauw of respectloos." Hij heeft in dit boekje de gedichten bijeengebracht die hij schreef voor Filosofie Magazine. Elk gedicht behandelt een denker (Schopenhauer, Sloterdijk, Pythagoras, Montaigne, enz.).

Flauw of respectloos zijn de gedichten soms wel, maar dat stuit mij niet zo tegen de borst. Wel is het heel duidelijk dat dit voor Heytze een soort tussendoortjes zijn geweest: de gedichten zitten geheid in elkaar, maar worden zelden echt mooi of dichterlijk. "Het voelde elke keer alsof ik een spreekbeurt aan het voorbereiden was, maar dan met een gedicht als uitkomst."

Veel gedichten zouden zo in de bloemlezing van Komrij kunnen, als voorbeelden van moderne rederijkerij. Het gedicht over Sextus Empiricus bestaat helemaal uit synoniemen voor twijfel:

Onzeker. Onwis. Ongewis. Onbeslist. Onvast.
Betwistbaar. Litigeus. Discutabel. Aanvechtbaar.
[...]

En het gedicht over Aristoteles is grotendeels doorgestreept omdat het werk van die denker immers grotendeels niet is overgeleverd:

[...]
Het zij zo. Hierbij zal ik samenvatten
waar mijn filoso### ## ########:
### ##### ## ######## ### heelal
## ###### #### ## ofwel, dat ## ####
[...]

Dat zijn natuurlijk geen gedichten die je treffen door hun enorme schoonheid. Het mooist vond ik nog:

Gadamer kijkt in de spiegel

(Blijkens de toelichting is dit een samenvatting die Gadamer zelf ooit van zijn filosofie gaf.)

Ik hoop dat er snel weer een echte bundel van Heytze komt.


Een voorpublicatie uit de bundel staat op de website van de dichter (als pdf-bestand).

Reacties

Anoniem zei…
Waarde Marc van Oostendorp,

U bent er snel bij. Dank voor uw aandacht! Ik kan me wel iets bij uw kritiek voorstellen. De filosofische gedichten zijn inderdaad een hele andere kop thee dan mijn overige werk; de geportretteerde filosofen dwingen me min of meer tot een andere werkwijze en een andere uitkomst dan bij een 'gewoon' gedicht. Tussendoortjes zijn het wat mij betreft geenszins - integendeel, ze hebben me over het algemeen meer bloed, zweet en tranen gekost dan ander werk, alleen al omdat er de nodige studie voor moest worden verricht. De bundel zelf is natuurlijk wel min of meer een tussendoortje - het is immers een bundeling van eerder gepubliceerd werk in Filosofie Magazine. Ik hoop in februari/maart volgend jaar met een nieuwe, 'echte' dichtbundel te komen. Op dit moment ben ik bezig de laatste hand te leggen aan een manuscript van 35 gedichten en evenzovele prozagedichten, samen te verschijnen in een bundel die waarschijnlijk 'Schaduwboekhouding' gaat heten. Ik kan nu al plechtig beloven dat u daarin geen filosoof aan zult treffen. Zie voor een voorproefje eventueel de meest recente nummers van 'Hollands Maandblad' en 'Het liegend konijn'.

Alle goeds,

Ingmar Heytze
www.heytze.nl
ingmar@heytze.nl

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …

Paul Celan. Verzamelde gedichten. Amsterdam: Meulenhoff, 2003.

Met een vertaling van Ton Naaijkens.Dit is het verslag van een mislukking. Paul Celan is een groot dichter die ook in Nederlandgerespecteerde liefhebbers heeft, en door een van hen, de hoogleraar Duits en vertaalwetenschap Ton Naaijkens, in het Nederlands is vertaald. Celans verhaal - dat van een Duitstalige Roemeense Jood die na de oorlog het Duits opnieuw moest uitvinden om een glimp de verschrikkingen op te kunnen schrijven - is indrukwekkend, en zijn Verzamelde gedichten zijn in het Nederlands ongehoord prachtig opgeschreven.Maar het boek ziet er ook uit als een brok geblakerd beton, en het is me niet gelukt om er doorheen te breken. Ik begrijp niet wat ik als lezer verondersteld wordt te doen met een gedicht als:Das umhergestossene
Immer-Licht, lehmgelb,
hinter
PlanetenhäuptenErfundene
Blicke, Seh-
narben,
ins Raumschiff gekerbt,
betteln im Erden-
münder.(Het alle kanten op gestoten
steeds licht, leemgeel,
achter
planetenhoofden.Bedachte
blikken, kijk-
krassen, diep
in het ruimte…