Doorgaan naar hoofdcontent

Tommy Wieringa. Joe Speedboot

Tommy Wieringa. Joe Speedboot. Amsterdam: De Bezige Bij, 2005.

Er wordt wel beweerd dat je je spieren al kunt trainen door alleen maar aan lichamelijke activiteit te denken. Als dat zo is, heb ik sinds ik Joe Speedboot gelezen heb, een enorm krachtige rechterarm ontwikkeld. De verteller, Frans Hermans ofwel François le Bras, kan sinds een ongeluk geen lichaamsdeel meer controleren, behalve zijn rechterarm. Met die ene arm moet hij het leven pakken, en dat doet hij ook uit alle macht: hij draait er papierbriketten mee, schrijft de geschiedenis van zijn dorp Lomark en wordt een succesvol armworstelaar.

De geschiedenis gaat vooral over een jongen die als nieuwkomer het dorp inkomt, die bommen maakt en een echt werkend vliegtuig, en die zichzelf een naam gegeven heeft: Joe Speedboot. Ook Fransjes carrière als armworstelaar geschiedt onder aanvoering en training van Joe.

Doordat de personages zo excentriek zijn, doordat een ervan lichamelijk gehandicapt is, doordat het (arm)worstelen er zo'n belangrijke rol in speelt, doordat er zo'n sterk vitaal gevoel uit spreekt, doet Joe Speedboot me af en toe denken aan de boeken van John Irving, waarin die ingrediënten ook allemaal een rol spelen. Toch is de sfeer anders, Hollandser, je voelt het leven in een dorp aan de rivier:

- Dag jongen, zegt ma wanneer ze 's morgens binnenkomt. Eerst maar 's een lekker bakje.

Daartoe brengt zij een thermoskan van verbleekt plastic mee waaruit zij sterke koffie schenkt. Koffie drink ik met een rietje, evenals andere hete dranken die brandwonden veroorzaken wanneer ze omvallen in je schoot. Het liefst heb ik rietjes met ribbels die zich laten buigen tot een hoek van vijfenveertig graden. Ma heeft mijn bed opgemaakt en komt aan tafel zitten.

Reacties

Anoniem zei…
volgens mij speelt het zich niet in het zuiden maar in het oosten van het land. Lomark doet sterk denken aan Loo een dorp bij Duiven. Het ligt aan de rivier en er is ook een weg naar een veerpont die bij hoogwater overstroomt. In het boek grenst Lomark aan Westerveld. Loo bij Duiven grenst aan Westervoort. Ook zag ik laatst de schrijver tijdens een interview op een plek in de uiterwaarden in de buurt van Loo.
Anoniem zei…
volgens mijn info is lomark huissen bij ARNHEM
Anoniem zei…
Lomark is voor 99,99% zeker Huissen. Ik ben zelf een huissenaar en herken zoveel elementen van ons stadje in lomark dat het geen toeval meer kan zijn....
Anoniem zei…
Ja, en op een gegeven moment wordt er vanaf oosterbeek naar lomark gelopen door autopech, moet dus wel in die regio liggen.
Anoniem zei…
danku =] helpt me in mn boekverslag muhaehzhuaheamuhaehahzhzedh omg
Anoniem zei…
Volgens mij is Lomark Dreumel in de buurt van Druten. Zeker weten
Anoniem zei…
lomark is amsterdam zeker weten
Anoniem zei…
westerveld is ook een gemeente in zuidwest drente =) om het nog ingewikkelder te maken =) en arnhem is bij duiven mensen, en idd, t deed mij ook aan huissen denken, maar mensen, de schrijver heeft zelf in een interview gezegd dat ie het dorp verzonnen heeft, dus kan ie niet gewoon inspiratie op hebben gedaan van een paar dorpen en plekken enz, en zo een perfect dorp verzonnen die bij het verhaal past... dat lijkt mij het meest waarschijnlijk... xD en ik vind t geen kutboek =)
Anoniem zei…
ik den dat het limburg is, is ook dom stadje

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …