Doorgaan naar hoofdcontent

Micha Hamel. Alle enen opgeteld. Amsterdam/Antwerpen: Augustus, 2005 (2004).

Het gedicht dat het titelgedicht van deze bundel zou zijn, als het maar dezelfde titel had gehad als de bundel als geheel, staat helemaal achterin. Maar ik las het als eerste:

Nullen en enen

Ik kan poëzie waarderen.
Wanneer ik een gedicht gelezen heb
zet ik beneden aan de pagina
ernstig
een nul of een één.

Bij twijfel cijfer ik per strofe.
Hun gemiddelde wordt afgerond en
eveneens onderaan genoteerd.

Als ik de bundel
uit heb, tel ik alle enen
op en deel de uitkomst
door het aantal gedichten.

Ha! Dat beloofde wat: een vleugje ironie, iets vaag onbestemds — wat gaat de dichter nu eigenlijk doen met de uitkomst van zijn berekening? —, lef — wie durft zijn lezer zo uit te dagen aan het eind van de bundel een wetenschappelijk verantwoorde beoordeling te geven van het geheel? Dit zou wel eens een bundel kunnen worden met veel enen.

Dat valt een beetje tegen. Er staan vooral veel stijloefeningen in de bundel, de dichter laat zo'n beetje zien wat hij allemaal kan, maar af en toe gaat dat ten koste van de inhoud — wat niet zo erg zou zijn als de vorm dan maar indrukwekkend was. Ook ergerde me de gedichten over de middelbare school een beetje. Ik begrijp best dat een man van 35 terugblikt op de 'eerste helft' van zijn leven, maar toch vind ik dat gezwijmel over gel in je haar ongepast. Toch staan er een paar heel fraaie gedichten in de bundel, zoals het onvergetelijke:

'Meer over vaders dood'

Ik vertelde het op mijn werk. De secretaresses mompelden,
slordig verwarde handen afvegend aan de kokerrok.
Drentelen, pulken, wegkijken,
dan ineens vieze koffie gaan halen.

Een ogenblik later plant ik mij neer en leg mijn handen
op het koele formica, het bekertje middenin.
Twee Russen, korte beentjes, zwijgzame violisten van de eerste stoel
op wier kinderhand het riet was neergekomen bij elke onzuivere noot,
— en nu dus met die worstenvingers viool kunnen spelen.

ze rezen voor me op als bomen en huilden
zulke dikke tranen achter plusbrillen.
Een dubbele omhelzing van hout, langs hen heen
zag ik wegrijden de slee over de taiga

met achterin de bloemen, de geruisloze mens.

Vooral de regel 'dan ineens vieze koffie gaan halen' is prachtig (en verder helpt het misschien om te weten dat Hamel musicus is). Zo'n gedicht heeft geen één maar een tien en trekt daarmee in een klap het gemiddelde van de bundel flink omhoog.

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Nick Hornby. Funny Girl. Penguin, 2015.

Nick Hornby leeft in een fijne wereld, die uit twee kanten bestaat. Aan de ene kant is er competent uitgevoerd werk. Aan de andere kant bestaat er pretentieloos, maar daarom niet minder competent uitgevoerd vermaak.

Het is een wereld van romantische komedie, zij het dat die komedie ook nog best 30 jaar door kan gaan en dan nog altijd niet verzuurt. Het is een wereld waarin je af en toe geniet van een voetbalwedstrijd en dan weer van een goed boek. Het is een wereld waarin je niet eens heel veel moeite hoeft te doen om mooie, door veel mensen gemaakte dingen hoeft te maken, omdat het je eigenlijk allemaal aan komt waaien.

Het is in dit boek de wereld van Barbara uit Blackpool die aan het begin van de roman – die zich afspeelt in de jaren zestig – wegloopt als ze tot Miss Blackpool verkozen wordt en denkt dat er iets beters op haar wacht en die dan binnen korte tijd inderdaad haar eigen sitcom krijgt op de BBC. Die moeiteloos vervolgens miljoenen kijkers aan zich bindt.

Veel spanning zi…