Doorgaan naar hoofdcontent

Vikram Seth. An Equal Music. London: Phoenix, 1999.

Een violist uit Noord-Engeland in een strijkkwartet heeft tien jaar geleden zijn eerste liefde beleefd met een pianiste. Ineens duikt zij weer op in zijn leven. Ze blijkt doof geworden te zijn, maar dat kan ze heel goed verbergen: met het praten doordat ze kan liplezen en met het samenspelen doordat ze het muzikale equivalent daarvan beheerst — ze kan de bewegingen lezen die haar medemuzikanten maken, en zo kan ze zelfs met het strijkkwartet van de violist optreden in het Forellenkwintet van Schubert. Maar de liefde is gedoemd: hij heeft haar tien jaar geleden verlaten, en is haar nooit vergeten; maar zij werd door dat verlaten indertijd verscheurd, en is inmiddels getrouwd en heeft een kind.

Wat een prachtig boek is dit — wat een toon heeft Seth. Doordat het boek over muziek gaat, ben je geneigd te denken dat die toon muzikaal is, maar zo is het geloof ik toch niet: het is meer een licht melancholieke prozatoon. En ondertussen een verbluffend verhaal verteld, ook al zo licht melancholiek, met fraaie scènes.

Een goede schrijver is een beetje een goochelaar, die je dingen pas laat zien als hij dat wil. In An Equal Music is er sprake van een strijktrio van Beethoven dat de violist vroeger met zijn geliefde en een vriendin van haar speelde. Op een bepaald moment komt de violist erachter dat Beethoven dat trio aan het eind van zijn leven heeft omgeschreven tot een strijkkwintet. Hij beweegt hemel en aarde om die bewerking op de plaat te krijgen en vindt het uiteindelijk in een tweedehandsplatenzaak. Dolgelukkig rijdt hij met de bus door Londen naar huis. Ineens ziet hij in een bus die de omgekeerde richting oprijdt zijn geliefde die hij tien jaar niet gezien heeft. Hij gaat de bus uit en probeert haar met een taxi te volgen — tevergeefs, de taxi komt niet door het verkeer. Uiteindelijk rent hij ook de taxi uit, zo kan hij de bus nog net bereiken, maar ze zit er niet meer in. Pas op dat moment komt hij er achter dat hij ook de plaat in de taxi heeft laten liggen. Bij veel andere schrijvers zou je dat als lezer al meteen in de gaten hebben, dat hij die plaat niet meeneemt; Seth weet je zo af te leiden dat je er pas samen met de hoofdpersoon achter komt. Totale ontreddering, een prachtig gevoel van alles verloren te hebben.

Reacties

Populaire posts van deze blog

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

Leïla Slimani. Chanson douce. Paris: Gallimard, 2015

Gaan Parijse romans de afgelopen decennia inderdaad allemaal over eenzaamheid? Over mensen die verloren lopen in de grote stad? Die langzaam maar zeker in hun eigen wereldje geraken, omringd door miljoenen anderen?

Dan heeft Leïla Slimani dé Franse roman geschreven, een van de mooiste die er in ieder geval in de afgelopen tijd verschenen is. Chanson douce begint met de gevolgen van een vreselijke moordpartij, waarna de spanning zich in 200 pagina's gaandeweg opbouwt. We volgen een echtpaar, Myriam en Paul, die een kinderjuffrouw in dienst nemen als Myriam aan haar juridische carrière wil bouwen. De kinderjuffrouw (of oppas, hoe noem je dat, nounou), Louise, blijkt perfect: ze maakt het huis perfect schoon en de kinderen zijn dol op haar. Myriam en Paul nemen haar zelfs mee op vakantie, naar Griekenland.

Het zijn de ingrediënten voor een horrorverhaal, zij het dat de ware horror meteen komt. Ik neem ook aan dat je hier een succesvolle film van kunt maken, want er gebeurt van alles …