Doorgaan naar hoofdcontent

Dave Eggers. What is the What. The autobiography of Valentino AchaK Deng. San Francisco: McSweeney's, 2006.

Valentino Achak Deng, de hoofdpersoon van deze roman, bestaat echt. Hij is een van de zogeheten Lost Boys, de kinderen die in de jaren tachtig uit Zuid-Soedan gevlucht zijn, eerst naar Ethiopië, en toen het daar ook niet veilig maar was, naar Kenia. Hij vertelt in dit adembenemende boek hoe dat allemaal is gegaan — hoe een kind van zeven geconfronteerd kan worden met de ergste gruwelen, jarenlang in die gruwelen kan leven, en toch overleefd.

Op een dag vlucht Achak bijvoorbeeld weg uit het Ethiopische vluchtelingenkamp: er is een nieuwe regering gekomen en die wil de Dinka niet meer, het Zuid-Soedanese volk waar het jongetje bij hoort. Samen met drie anderen rent hij door de velden. Dan doemt er een jonge vrouw op, die weliswaar in een Ethiopisch uniform is gekleed, maar de jongens toeroept dat ze hen wil helpen, dat ze een moeder voor hen is. Twee jongetjes lopen naar haar toe. Ze worden neergeknald.

Dat is maar een van de honderden details in het boek. Dat tegelijkertijd dragelijk blijft door de menselijke toon, hoe moet ik het anders zeggen.

Onder dit enorme boek, vijfhonderd bladzijden van rijkdom, lees je bovendien nog een ander, ontroerend verhaal, dat verteld wordt in allerlei stukken die her en der op internet verschenen over dit boek. Het verhaal over hoe Achak, eenmaal in Amerika geland, zijn verhaal wil vertellen. Zijn Engels is echter niet goed genoeg, en dus zoekt hij iemand die hem een beetje kan corrigeren. Zo komt hij terecht bij een bestsellerauteur, Dave Eggers. En! Die! Doet! Het! Samen schrijven zij binnen enkele jaren dit boek, waarvan de auteursrechten ten goede komen aan een stichting die Achak steunt, en Zuid-Soedan.

In Soedan is al twintig jaar een grote tragedie aan de gang: een misdadig regime dat zijn weerga niet kent, roeit bijna ongestraft zijn eigen bevolking uit. Tegelijkertijd komen er uit die hel af en toe mensen te voorschijn, echte mensen als Achak. En gelukkig zijn er ook onder de goede schrijvers nog echte mensen als Dave Eggers.

Reacties

Anoniem zei…
Tof, alleen wel een beetje jammer dat je het zo kort houdt. Dit boek verdient meer. Maar goed, desalniettemin, ga zo door:)

Populaire berichten van deze blog

Pauline Slot. Dood van een thrillerschrijfster. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016.

Er zijn te veel schrijvers in de wereld, en te weinig lezers. Zo zit het in ieder geval in de wereld van Pauline Slots nieuwe roman Dood van een thrillerschrijfster. In het hele boek komt er, afgezien van een enkele Griek, slechts één persoon voor die niet schrijft maar leest – al lijkt zelfs deze Stephen even te flirten met de gedachte dat hij weleens een kookboek zou willen maken.

Het boek speelt zich af in een schrijversretraitecentrum in Griekenland dat gedreven wordt door een Nederlandse schrijfster en haar Canadese man (de lezer). Een paar weken per jaar stellen zij hun huis open voor Nederlands- en Engelstaligen die er aan hun boek werken.

Waarom willen al die mensen schrijven? Vooral om schrijver te zijn. Waarom willen ze schrijver zijn? Dat wordt niet helemaal duidelijk, al gaat het er bij de meesten vooral om dat ze rijk en beroemd willen worden. (Er zijn er ook die een intrigerende dichtbundel schrijven of een proefschrift, maar zij zijn in de minderheid.)

Dood van een thril…

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…