Doorgaan naar hoofdcontent

Philip Roth. Exit Ghost. New York: Houghton Mifflin Books, 2007.

Nathan Zuckerman, de schrijver, trekt na de laatste elf jaar van zijn leven in vrijwel totale afzondering te hebben doorgebracht, ergens in de Berkshires, terug naar de stad, terug naar New York. Hij is oud, en incontinent, en impotent. In de stad wordt hij meteen belaagd door de plagen van het moderne leven: iedereen loopt met een mobiele telefoon, iedereen doet alsof het vreselijk belangrijk is als George W. Bush in 2004 voor de tweede keer de verkiezingen wint, en niemand leest nog een boek. Bovendien wordt hij, de oude, zieke man, verliefd op een jonge vrouw van dertig. En krijgt hij het aan de stok met een ex-vriendje van haar, die de aandacht wil vestigen op een alweer vergeten schrijver van vroeger, iemand die ooit Zuckermans held was. Maar dat vestigen van de aandacht kan alleen door een schandaal uit het leven van die schrijver op te dissen.

Wat is het aandeel van fictie in het leven? Zuckerman wil niet dat de aandacht op zijn lievelingsschrijver wordt gevestigd door 'waargebeurde' schandalen. Tegelijkertijd probeert hij van zijn hopeloze verliefdheid fictie te maken: hij schrijft dialogen met zijn geliefde die nooit echt zijn gevoerd. De vorm van die dialogen is gebaseerd op een verhaal van Tsjechov, ook al weet hij niet meer waar dat verhaal overgaat. Enzovoort.

Er is geen schrijver die beter over het mannelijk lichaam weet te schrijven dan Roth, in dit geval dan vooral het heel oude, het aftakelende mannelijk lichaam. Er rest hem eigenlijk geen manier meer om die aftakeling te overstijgen dan door fictie, dan door in de huid te kruipen van iemand die op hem lijkt, van Nathan Zuckerman. Maar dit is Roths laatste Zuckerman-boek, aan het eind gaat de schrijver dood. Hoe nu verder?

(Eerder schreef ik hier over Portnoy's complaint, American pastoral, Everyman, The dying animal en The plot against America.)

Reacties

Anoniem zei…
Zou je misschien nog wat uitgebreider over het boek kunnen vertellen? Ik hebgeen tijd meer om het te lezen, en een samenvatting vinden is lastig!

Populaire berichten van deze blog

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

Pauline Slot. Dood van een thrillerschrijfster. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016.

Er zijn te veel schrijvers in de wereld, en te weinig lezers. Zo zit het in ieder geval in de wereld van Pauline Slots nieuwe roman Dood van een thrillerschrijfster. In het hele boek komt er, afgezien van een enkele Griek, slechts één persoon voor die niet schrijft maar leest – al lijkt zelfs deze Stephen even te flirten met de gedachte dat hij weleens een kookboek zou willen maken.

Het boek speelt zich af in een schrijversretraitecentrum in Griekenland dat gedreven wordt door een Nederlandse schrijfster en haar Canadese man (de lezer). Een paar weken per jaar stellen zij hun huis open voor Nederlands- en Engelstaligen die er aan hun boek werken.

Waarom willen al die mensen schrijven? Vooral om schrijver te zijn. Waarom willen ze schrijver zijn? Dat wordt niet helemaal duidelijk, al gaat het er bij de meesten vooral om dat ze rijk en beroemd willen worden. (Er zijn er ook die een intrigerende dichtbundel schrijven of een proefschrift, maar zij zijn in de minderheid.)

Dood van een thril…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…