Doorgaan naar hoofdcontent

L.N. Tolstoj. Anna Karenina. Amsterdam: Van Oorschot, 1965 (1877).

Vertaling: Wils Huisman.

L.N. TolstojMensen zijn zo verbijsterend ingewikkeld. Hoe kan iemand een zo dik, zo rijk boek schrijven als Anna Karenina, zo vol van mensen, zo vol van kleine details waaruit blijkt dat hij alles gezien heeft, dat hij de menselijke ziel in allerlei facetten doorgrond heeft, en dat boek dan eindigen op zo'n vreemde religieuze toets? Hoe kan zoveel subtiliteit uitmonden in zo'n onsubtiel gevoel? Ik las ergens op internet dat de tijdschriftuitgevers waarin het verhaal oorspronkelijk verscheen, weigerden het laatste deel uit te geven, en dat het pas in boekvorm verschenen was. Wat waren die tijdschriftuitgevers wijs.

De eerste zeven delen van Anna Karenina zijn samen waarschijnlijk wel mijn lievelingsboek. Iedere bladzijde kun je herlezen en herlezen. Vooral waar het gaat over de subtiele psychologie tussen twee mensen is hij onovertroffen. Wronski komt thuis nadat hij eerder op de avond een grote ruzie met Anna heeft gehad en hij hoort van de meid dat Anna naar bed is gegaan en hem niet meer wil laten zien. Goed, denkt hij, dan ga ik naar mijn kamer. Ondertussen ligt Anna te luisteren want ze heeft vantevoren bedacht dat hij als hij nog van haar houdt, toch naar haar kamer zal komen. 

Zo is het leven – helaas. Zo is de kunst – gelukkig.

Reacties

kaylihi zei…
Ik heb het boek vorig jaar op een rommelmarkt gekocht. Aangezien ik door mijn boekengekte en boeken koop en aan Bookcrossing doe, staat het boek nog even op mij te wachten.
Anoniem zei…
Dit boek: Ge-wel-dig! De manier waarop het geschreven is, de personages, alles! Toch wel een echte aanrader om snel te lezen.

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …