Doorgaan naar hoofdcontent

José Saramago. De stad der blinden. Amsterdam: Meulenhoff, 2001 (1995).

Jose Saramago. De stad der blinden vertaling: Harrie Lemmens.

Iets meer dan anderhalf jaar geleden heb ik mezelf de opdracht gegeven om 'de honderd belangrijkste boeken' van de wereldliteratuur te lezen, volgens een lijst van de Noorse boekenclub. Als een soort bezwering van het gevoel dat ik in het midden van het leven ben aanbeland, wilde ik al die hoogtepunten lezen. Ook de boeken die ik eerder al eens gelezen had, zoals dit boek, dat helemaal niet zo heel lang geleden gelezen heb.

En ondanks die paar jaar had zich toch een heel ander beeld van dit boek gevormd. Het verhaal dat ik me herinnerde had een heel andere nadruk dan het verhaal dat ik nu las.

In een nameloze stad wordt iedereen blind. We volgen een groepje nameloze mensen die bij wijze van quarantaine worden opgesloten en aan hun lot worden overgelaten, totdat uiteindelijk ook de soldaten die hen bewaken blind zijn geworden en ze door de stad zwerven, geleid door de enige vrouw in de hele stad die niet blind geworden is. Ze komen uiteindelijk in haar huis terecht, waar ze zich in ieder geval een beetje schoon kunnen maken, en uiteindelijk krijgt iedereen het zicht weer terug.

Dat is het staketsel, en dat herinnerde ik me ook nog wel. Maar wat ik me dan van de vorige keer vooral herinnerde was het trage van het leven van die blinden, het eindeloze wachten in de quarantaine, het geschuifel over straat als ze vrijgelaten zijn. Nu maakte juist de dramatische momenten veel meer indruk: de verkrachtingen die een groepje blinden die in de quarantaine de macht over het voedsel verworven hebben plegen, de moord op een van hen door de ziende vrouw, de honden die op straat het lijk van een dode man uiteenscheuren. Niets daarvan kon ik me nog herinneren, niets.

De stad der blinden is natuurlijk een boek over het belang van het zien, het wonder van het zien, de menselijkheid die we ontlenen aan het feit dat we gezien worden. Maar hoe zit het dan toch met de herinnering?

Eerder schreef ik hier over Saramago's vervolg op dit boek, Stad der zienden.

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Nick Hornby. Funny Girl. Penguin, 2015.

Nick Hornby leeft in een fijne wereld, die uit twee kanten bestaat. Aan de ene kant is er competent uitgevoerd werk. Aan de andere kant bestaat er pretentieloos, maar daarom niet minder competent uitgevoerd vermaak.

Het is een wereld van romantische komedie, zij het dat die komedie ook nog best 30 jaar door kan gaan en dan nog altijd niet verzuurt. Het is een wereld waarin je af en toe geniet van een voetbalwedstrijd en dan weer van een goed boek. Het is een wereld waarin je niet eens heel veel moeite hoeft te doen om mooie, door veel mensen gemaakte dingen hoeft te maken, omdat het je eigenlijk allemaal aan komt waaien.

Het is in dit boek de wereld van Barbara uit Blackpool die aan het begin van de roman – die zich afspeelt in de jaren zestig – wegloopt als ze tot Miss Blackpool verkozen wordt en denkt dat er iets beters op haar wacht en die dan binnen korte tijd inderdaad haar eigen sitcom krijgt op de BBC. Die moeiteloos vervolgens miljoenen kijkers aan zich bindt.

Veel spanning zi…