Doorgaan naar hoofdcontent

Etgar Keret. Pizzeria Kamikaze. Amsterdam: Podium, 2001 (1998).

Etgar Keret. Pizzeria Kamikaze vertaling: Ruben Verhasselt.

Wat zijn de jaren negentig toch alweer lang geleden. Dat is zo'n beetje het enige echte gevoel dat ik heb overgehouden aan dit boekje met verhalen dat ik een tijdje geleden kocht op een station omdat ik moest wachten. Het boekje ziet er grappig uit, het bevat enkele korte verhalen en een novelle en volgens de flaptekst is het werk van Keret 'tot tranen toe grappig en tot lachen toe droevig'. Maar ik hoefte niet te huilen en ik hoefde niet te glimlachen. Het raakte me allemaal niet, de enigszins hysterische stijl, de manier waarop de personages de hele tijd extravert zijn op een vreemde manier of vreemd op een extraverte manier.

De novelle gaat over een paar jongens die zelfmoord hebben gepleegd en erachter komen dat het leven na de dood precies hetzelfde is, in een soort Israël met alleen maar andere zelfmoordenaars (inclusief natuurlijk de incidentele terrorist die moet toegeven dat er van die zeventig maagden nog niet veel terecht is gekomen).

Het klinkt allemaal naar tien jaar geleden, het experiment met het stripverhaalachtige, het luidkeels absurde. De schrijver, Etgar Keret, is een generatiegenoot van mij, en hij klinkt zoals wij klonken toen we dertig waren en nog geen plaats hadden op de wereld omdat de babyboomers nog alomtegenwoordig waren, en we dachten dat we heel excentriek moesten doen om een 'eigen plek' te verwerven, dat je je wanhoop vorm moest geven door hem demonstratief te overschreeuwen. Hoe zou het nu met Keret gaan?

Reacties

pistike65 zei…
Antaux dek tagoj mi legis la komiksan version de la chefa historio de Pizzeria Kamikaze, tiun de la memmortigintoj. Precize kiel Vin, gxi ne aparte tusxis min. Eble mi atendis, pro bildeco kaj israeleco, ion similan al Waltzing with Bashir?

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Paul Celan. Verzamelde gedichten. Amsterdam: Meulenhoff, 2003.

Met een vertaling van Ton Naaijkens.Dit is het verslag van een mislukking. Paul Celan is een groot dichter die ook in Nederlandgerespecteerde liefhebbers heeft, en door een van hen, de hoogleraar Duits en vertaalwetenschap Ton Naaijkens, in het Nederlands is vertaald. Celans verhaal - dat van een Duitstalige Roemeense Jood die na de oorlog het Duits opnieuw moest uitvinden om een glimp de verschrikkingen op te kunnen schrijven - is indrukwekkend, en zijn Verzamelde gedichten zijn in het Nederlands ongehoord prachtig opgeschreven.Maar het boek ziet er ook uit als een brok geblakerd beton, en het is me niet gelukt om er doorheen te breken. Ik begrijp niet wat ik als lezer verondersteld wordt te doen met een gedicht als:Das umhergestossene
Immer-Licht, lehmgelb,
hinter
PlanetenhäuptenErfundene
Blicke, Seh-
narben,
ins Raumschiff gekerbt,
betteln im Erden-
münder.(Het alle kanten op gestoten
steeds licht, leemgeel,
achter
planetenhoofden.Bedachte
blikken, kijk-
krassen, diep
in het ruimte…