Doorgaan naar hoofdcontent

Giacomo Leopardi. Selected Poems. Princeton: Princeton University Press, 1997 (1837).

Giacomo Leopardi. Selected Poems

Vertaling: Eamon Grennan.

Als lezen reizen is, heb ik een excursie gemaakt naar de treurnis, naar het rijk van de felle aanklacht tegen het leven, de bijzonder welsprekend uitgedrukte wanhoop.

Giacomo Leopardi (1798-1837) is in het Nederlandse taalgebied niet de allerberoemdste romantische dichter, maar in Italië wordt hij wel als de grootste beschouwd. Mijn kennismaking met deze dichter was in eerste instantie vooral een excursie uit nieuwsgierigheid: ik voelde me inmiddels te oud om meegeslepen te worden door iemands Weltschmerz. Dat ik me uiteindelijk toch liet meeslepen, komt vooral door de zorgvuldige manier waarop Leopardi zijn leed formuleert. Het is allemaal zo doordacht, zo duidelijk geconstrueerd, zo fraai dat het aan het denken zet: waarom neemt iemand zoveel moeite om zo'n inktzwarte visie op het leven uiteen te zetten?

Want inktzwart is het; het leven is treurig, al is het interessante bewijs daarvoor dat alle schoonheid van de jeugd en het begin alras teloor gaat — die schoonheid is er dus wel degelijk. En hoe oud moet je eigenlijk zijn om onder die teloorgang te lijden? Leopardi overleed voor hij mijn huidige leeftijd kon bereiken.

Ik heb een enigszins eigenzinnige vertaling in het Engels gelezen van de Ierse dichter Eamon Grennan; enigszins eigenzinnig omdat bijvoorbeeld 'La sera del di' di festa' wordt vertaald als 'Sunday evening', terwijl uit het gedicht duidelijk wordt dat er op de desbetreffende dag een dorpsfeest is geweest, en dat het dus eerder een feestdag was dan een gewone zondag. Overigens heeft Grennan voor zijn vertalingen indertijd een prijs gewonnen en daar had de jury wel telijk in: de vertalingen zijn in ieder geval mooie gedichten geworden.

(Althans, dat geloof ik. Gedichten in vertalingen lezen is moeilijk, vind ik. Gedichten in vreemde talen lezen ook. Laat dus staan gedichten in vertalingen naar vreemde talen. Waarom is er geen mooie complete vertaling van Leopardi in het Nederlands?)

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Pauline Slot. Dood van een thrillerschrijfster. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016.

Er zijn te veel schrijvers in de wereld, en te weinig lezers. Zo zit het in ieder geval in de wereld van Pauline Slots nieuwe roman Dood van een thrillerschrijfster. In het hele boek komt er, afgezien van een enkele Griek, slechts één persoon voor die niet schrijft maar leest – al lijkt zelfs deze Stephen even te flirten met de gedachte dat hij weleens een kookboek zou willen maken.

Het boek speelt zich af in een schrijversretraitecentrum in Griekenland dat gedreven wordt door een Nederlandse schrijfster en haar Canadese man (de lezer). Een paar weken per jaar stellen zij hun huis open voor Nederlands- en Engelstaligen die er aan hun boek werken.

Waarom willen al die mensen schrijven? Vooral om schrijver te zijn. Waarom willen ze schrijver zijn? Dat wordt niet helemaal duidelijk, al gaat het er bij de meesten vooral om dat ze rijk en beroemd willen worden. (Er zijn er ook die een intrigerende dichtbundel schrijven of een proefschrift, maar zij zijn in de minderheid.)

Dood van een thril…