Doorgaan naar hoofdcontent

Samuel Beckett. The unnamable. New York: Grove Press, 1980 (1958)

Samuel Beckett. Molloy. Malone Dies. The Unnamable

Vertaling: Samuel Beckett

Dat je bijvoorbeeld een roman gaat schrijven over een stem, iemand die onbeweeglijk stil zit en vanaf zekere hoogte alleen maar recht naar voren kijkt en zelfs zijn handen niet beweegt terwijl hij schrijft. Die alleen bepaalde schimmen ziet, en die aan de ene kant wel en aan de andere kant ook weer niet wil vertellen. Die denkt aan personages in eerdere romans van dezelfde auteur, zoals Molloy en Malone Dies. Zodat het boek daarmee een trilogie vormt, die gemakkelijk met de Hel van Dante kan worden vergeleken: alles wordt steeds bewegingslozer in de romans van Beckett, zoals alles ook volkomen stilstaat in het binnenste van de Hel.

Waarom? Je leert iets van het aandachtig lezen van zo'n roman, je leert waartoe een schrijver komt als hij zich volkomen insnoert, hoe een roman verwordt als er geen sprake is van enige actie, maar ook niet van enige overpeinzing.

Dat mag allemaal zijn, maar ik werd er wanhopig van. De eerdere boeken, die waren nog bij vlagen grappig, daar zaten nog personen in, maar de onnoembare is niet alleen onnoembaar, maar heeft ook eigenlijk geen karakter. Hij verkeert in een permanente schemer en is eigenlijk alleen bezig met zijn eigen stem.

Je leert er van alles van, dat is waar. Ik heb bijvoorbeeld geleerd dat ik niet zo geïnteresseerd ben in de vorm dat ik bereid ben een heel boek te lezen dat zich afgeeft met een vormexperiment. Zoals ik waarschijnlijk niet snel het beroemde boek L'Attentat van Perec zal lezen (een boek waarin de letter e niet wordt gebruikt), zo heb ik ook De onnoembare niet kunnen uitlezen. Op een bepaald moment begon ik essays op websites over het boek te lezen, en ze overtuigden me niet. Beckett schijnt humor te hebben en iets te zeggen over de menselijke conditie. Ik geloof dat oprecht, maar ik kan het in dit boek niet vinden.

Reacties

Occy zei…
La Disparation moet dat zijn, denk ik. L'attentat is van Nothomb, Khadra, of de vertaling van 'De aanslag' van Mulisch
MvO zei…
Ja, zo moet het zijn. Wat dwaalt het geheugen soms op vreemde manieren.

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …