Doorgaan naar hoofdcontent

Erin Arvedlund. Madoff. The man who stole $ 65 billion. London: Penguin Books, 2009.

Erin Arvedlund. Madoff. The man who stole $ 65 billion. Het was een paar dagen precies een jaar geleden dat ik de naam Bernard Madoff hoorde. Nog weer een dag eerder had hij zijn zoons verteld dat zijn grote succesvolle bedrijf feitelijk gebaseerd was op bedrog; zijn zoons hebben hem daarop aangegeven bij de politie, en dit jaar werd hij veroordeeld tot 150 jaar gevangenschap.

Wat drijft iemand er toe om miljarden dollars te stelen? Hoe kan iemand die er op de foto's zo vriendelijk en beschaafd uitziet, die zich volgens kennissen ook altijd vriendelijk en beschaafd gedroeg, hoe kan zo iemand zo'n nietsontziende geldwolf zijn geweest? En was hij eigenlijk wel een geldwolf? Was het hem echt om het geld te doen of alleen om de eer en de aanzien? Of was hij gaandeweg verstrikt geraakt in een net waarin hij het ene illegale gat met een nog net iets groter illegaal gat probeerde te stoppen?

Op een heleboel van die vragen geeft dit boek van Arvedlund geen antwoord. Daarvoor zou waarschijnlijk een diepgravender onderzoek nodig zijn, mogelijk een zeer uitgebreid interview met Madoff zelf — al weet je bij zo'n verstokte en gewiekste leugenaar dan waarschijnlijk nog steeds niet wat er uit zal komen. Arvedlund heeft vooral veel verstand van financiën — ze publiceerde in 2001 al een artikel in het gezaghebbende Amerikaanse tijdschrift Barron's waarin ze aantoonde dat er iets niet deugde aan Madoff's handelswijze, maar net als enkele andere klokkenluiders werd ze toen niet geloofd. Het artikel is dan ook het inzichtelijkst als het gaat over de gebrekkige werking van het Amerikaanse systeem, vooral dat van de controle-organen. Madoff had die in zijn zak, door zijn beminnelijkheid, zijn talent (behalve een illegaal had hij ook een groot en succesvol legaal bedrijf, en was hij een van de eersten die via computers begon te handelen in plaats van op de beursvloer), een aura van exclusiviteit en een uitgebreid netwerk van persoonlijke relaties. Interessant is bijvoorbeeld hoe lastig het was om direcht bij Madoff te beleggen. Iemand moest daarvoor een goed woordje voor je doen bij de grote man zelf, en op daarna kwam het bij de meeste mensen niet meer op om dan ook navraag te gaan doen.

Er zijn nog veel open vragen, die ook Arvedlund niet stelt. Waar is bijvoorbeeld al dat geld gebleven? Je kunt je toch niet voorstellen dat iemand miljarden consumeert - een groot deel moet toch in roerend en onroerend goed zijn gaan zitten, waarvan je je zou kunnen voorstellen dat het verkocht kan worden. En wat was nu precies de rol van Madoffs vrouw, broer, zoons en andere familie? En waarom werden zij niet meteen ook vervolgd? Ik hoop het over een paar jaar nog eens in het definitieve werk over deze fascinerende kwestie te lezen.

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Nick Hornby. Funny Girl. Penguin, 2015.

Nick Hornby leeft in een fijne wereld, die uit twee kanten bestaat. Aan de ene kant is er competent uitgevoerd werk. Aan de andere kant bestaat er pretentieloos, maar daarom niet minder competent uitgevoerd vermaak.

Het is een wereld van romantische komedie, zij het dat die komedie ook nog best 30 jaar door kan gaan en dan nog altijd niet verzuurt. Het is een wereld waarin je af en toe geniet van een voetbalwedstrijd en dan weer van een goed boek. Het is een wereld waarin je niet eens heel veel moeite hoeft te doen om mooie, door veel mensen gemaakte dingen hoeft te maken, omdat het je eigenlijk allemaal aan komt waaien.

Het is in dit boek de wereld van Barbara uit Blackpool die aan het begin van de roman – die zich afspeelt in de jaren zestig – wegloopt als ze tot Miss Blackpool verkozen wordt en denkt dat er iets beters op haar wacht en die dan binnen korte tijd inderdaad haar eigen sitcom krijgt op de BBC. Die moeiteloos vervolgens miljoenen kijkers aan zich bindt.

Veel spanning zi…