Doorgaan naar hoofdcontent

Barend ter Haar. Het Hemels Mandaat. De geschiedenis van het Chinese Keizerrijk. Amsterdam: Amsterdam University Press, 2009.

Barend ter Haar. Het Hemels Mandaat. De geschiedenis van het Chinese Keizerrijk.

Bij de vakgroep Chinees in Leiden hebben ze een traditie van inzichten van wetenschappelijk onderzoek op een gedegen manier voor een breder publiek te vertalen. Bekend waren de inspanningen van W.L. Idema, die eigenhandig een groot deel van de klassieke Chinese literatuur ontsloot. Ook de hoogleraar Chinese geschiedenis Barend ter Haar sluit zich aan bij deze traditie en schreef met Het Hemels Mandaat een wervelende geschiedenis van enkele duizenden jaren Chinees Keizerrijk.

Ter Haars stijl is een beetje droog maar ook heel duidelijk. In ruim vijfhonderd bladzijden stormt de lezer aan zijn hand door allerlei aspecten van de geschiedenis: de opeenvolging van dynastieën, de veldtochten, de steeds wisselende positie van de vrouw, de letterkunde, de beeldende kunst en nog veel meer..

Een van de verrassendste aspecten van Hemels Mandaat is de aandacht voor de eeuwigdurende mondialisering. Als leek ben je geneigd te veronderstellen dat intensieve international handels- en andere contacten iets van de laatste jaren zijn, en dat je de geschiedenis van een groot rijk als China best zelfstandig kunt beschouwen. Ter Haar laat zien dat dit onzin is, dat er eigenlijk altijd contacten bestaan hebben, al zijn die wel intensiever geworden.

Zo was er omstreeks de tiende eeuw al een joodse gemeenschap in Kaifeng die geld verdienden door de verkoop van 'harige kleden' aan het hof - dat waren waarschijnlijk Perzische tapijten. Tot ver in de achttiende eeuw wist deze gemeenschap vervolgens haar identiteit te bewaren en bijvoorbeeld een synagoge in stand te houden waar als concessie aan de omringende cultuur alleen twee leeuwen in Chinese stijl bij de poort werden gezet. Als de Italiaanse jezuïet Matteo Ricci in 1605 Beijing bezoekt, zoekt een van de joden hem op, omdat hij gehoord heeft dat er een geloofsgenoot in de stad is. En zo zijn er ook altijd her en der contacten geweest met christenen, met moslims en met aanhangers van allerlei andere geloven. Zoals ook al heel vroeg handel werd gedreven met Perzen, Turken, Arabieren en andere barbaren. Zelfs van de Indo-Europeanen zijn woorden geleend toen deze nog door de steppen trokken. Een ander interessant voorbeeld is dat gewassen uit het pas ontdekte Amerika al heel snel werden overgenomen, zodat de pinda bijvoorbeeld inmiddels een belangrijk onderdeel vormt van de traditionele Chinese keuken.

Een andere interessante kwestie die geregeld aan de orde komt, is de rol van geleerden en geleerdheid. Tijdens een belangrijk deel van de geschiedenis gold dat wie vooruit wilde komen in de Chinese wereld een ambtenarenexamen moest afleggen, waarbij onder andere de actieve beheersing van de oude schrijftaal getoetst werd.

Tegelijkertijd werden intellectuelen soms ook als een potentieel gevaar gezien, en bedacht men grootschalige projecten om hun aandacht af te leiden. De Qing-keizer Kangxi begit bijvoorbeeld een groot Karakterwoordenboek van Kangxi en zijn opvolger Qianlong de grote boekenverzameling Complete Boeken van de Vier Schatkamers der Literatuur. Bij de uitvoering van dat project leek overigens ook te horen dat auteurs van onwelgevallige werken werden vervolgd.

De elitaire opleiding voor ambtenaren had in sommige opzichten een gunstig effect voor de hele samenleving. Mensen die niet slaagden voor hun examens, kwamen daarna soms toch in beroepen terecht waarvoor een zekere mate van geletterdheid noodzakelijk was, zoals dat van koopman, herenboer, arts, leraar of schrijver.

Een iets langere versie staat hier.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Paul Celan. Verzamelde gedichten. Amsterdam: Meulenhoff, 2003.

Met een vertaling van Ton Naaijkens.Dit is het verslag van een mislukking. Paul Celan is een groot dichter die ook in Nederlandgerespecteerde liefhebbers heeft, en door een van hen, de hoogleraar Duits en vertaalwetenschap Ton Naaijkens, in het Nederlands is vertaald. Celans verhaal - dat van een Duitstalige Roemeense Jood die na de oorlog het Duits opnieuw moest uitvinden om een glimp de verschrikkingen op te kunnen schrijven - is indrukwekkend, en zijn Verzamelde gedichten zijn in het Nederlands ongehoord prachtig opgeschreven.Maar het boek ziet er ook uit als een brok geblakerd beton, en het is me niet gelukt om er doorheen te breken. Ik begrijp niet wat ik als lezer verondersteld wordt te doen met een gedicht als:Das umhergestossene
Immer-Licht, lehmgelb,
hinter
PlanetenhäuptenErfundene
Blicke, Seh-
narben,
ins Raumschiff gekerbt,
betteln im Erden-
münder.(Het alle kanten op gestoten
steeds licht, leemgeel,
achter
planetenhoofden.Bedachte
blikken, kijk-
krassen, diep
in het ruimte…