Doorgaan naar hoofdcontent

Sarah Bakewell. How to Live. A Life of Montaigne in One Question and Twenty Attempts at an Answer. London: Chatto & Windus, 2010.

Sarah Bakewell. How to Live. A Life of Montaigne in One Question and Twenty Attempts at an Answer.

In een bekend citaat uit zijn Essais vertelt de Franse zestiende-eeuwse schrijver Michel de Montaigne hoe hij met zijn kat speelt, en zich dan ineens afvraagt: speel ik met haar, of speelt zij met mij? Soms heeft hij geen zin, en soms probeert hij haar over te halen om te spelen. Maar hetzelfde geldt voor haar.

Ik ben Montaignes essays aan het lezen. het eerste deel heb ik uit en nu ben ik al een tijdje met het tweede bezig. Ik had behoefte aan wat achtergrondinformatie en toen ik in een boekwinkel in Londen een nieuwe biografie van Montaigne zag staan, in de gedaante van een zelfhulpboek, kocht ik het en las het in een weekeinde.

How to Live is meer dan een zelfhulpboek of een biografie. Het beschrijft ook hoe het nageslacht met Montaigne is omgegaan; hoeveel woede hij opwekte bij Pascal en Descartes, die er allebei om uiteenlopende redenen van overtuigd waren dat de mens naar het absolute moest streven — iets waarvoor de gematigde, schipperende schrijver met het oog voor het verschil in standpunt tussen hemzelf en zijn poes absoluut niet voor geschikt was. Hoe hij bewonderd werd door Friedrich Nietzsche en Virginial Woolf. Hoe hij via een vroege vertaling invloed uitoefende op Shakespeare. En hoe nu al eeuwenlang mensen zijn Essais lezen en tot de verbijsterende conclusie komen dat ze dat boek zelf hadden kunnen schrijven.

How to Live is goed geschreven, niet opdringerig en niet kleurloos. Toch doet het je natuurlijk weer verlangen om verder te lezen bij de meester zelf, je verder onder te dompelen in de vreemde ervaring dat we hier een man hebben die onder geheel andere omstandigheden in een geheel andere tijd geboren is, en die je toch zelf had kunnen zijn. Aan het eind van haar boek keert Bakewell toch weer even terug naar de scene met de kat, omdat hij laat zien hoe Montaigne alles in perspectief zag. Ze laat schrijver en poes even spelen en eindigt dan:

The two of them can be left suspended there, suspended in the midst of their lives with the Essays not yet fully written, while we go and get on with ours — with the Essays not yet fully read.

Reacties

Populaire posts van deze blog

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

Leïla Slimani. Chanson douce. Paris: Gallimard, 2015

Gaan Parijse romans de afgelopen decennia inderdaad allemaal over eenzaamheid? Over mensen die verloren lopen in de grote stad? Die langzaam maar zeker in hun eigen wereldje geraken, omringd door miljoenen anderen?

Dan heeft Leïla Slimani dé Franse roman geschreven, een van de mooiste die er in ieder geval in de afgelopen tijd verschenen is. Chanson douce begint met de gevolgen van een vreselijke moordpartij, waarna de spanning zich in 200 pagina's gaandeweg opbouwt. We volgen een echtpaar, Myriam en Paul, die een kinderjuffrouw in dienst nemen als Myriam aan haar juridische carrière wil bouwen. De kinderjuffrouw (of oppas, hoe noem je dat, nounou), Louise, blijkt perfect: ze maakt het huis perfect schoon en de kinderen zijn dol op haar. Myriam en Paul nemen haar zelfs mee op vakantie, naar Griekenland.

Het zijn de ingrediënten voor een horrorverhaal, zij het dat de ware horror meteen komt. Ik neem ook aan dat je hier een succesvolle film van kunt maken, want er gebeurt van alles …