Doorgaan naar hoofdcontent

Michela Wrong. It's Our Turn To Eat. The Story of a Kenyan Whistleblower. London: Fourth Estate, 2010 (2009).

Michela Wrong. It's Our Turn To Eat Dit boek heeft alles. Het is prachtig, adembenemend prachtig geschreven. Het is spannend. Het vertelt een verhaal dat te weinig vertelt wordt - het verhaal van de ziekte van de corruptie in Afrika. Het licht de lezer in over de politieke geschiedenis van Kenia van vooral de afgelopen tien jaar. En het steekt een hart onder de riem, omdat er helden zijn, die weliswaar geen heiligen zijn, en allerlei menselijke problemen hebben, maar die op het juiste moment opstaan en er wat tegen doen.

John Githongo was een journalist en een activist tegen corruptie toen hij door de nieuwbakken president Kabaki in 2002 werd aangesteld als een soort hoge ambtenaar die de corruptie moest observeren en hierover rechtstreeks verslag uitbrengen aan de president. Gaandeweg kwam hij erachter dat zijn functie niet meer was dan een schaamlapje: met de schandalen die hij oprakelde werd nooit iets gedaan. Hij was een Kikuyu, net als Kibaki, en leden van dezelfde volksstam werden niet geacht elkaar aan te pakken. De vorige president had een andere stammenachtergrond gehad, en die stam had ook goed voor zichzelf gezorgd. "Now it's our turn to eat", zegt men dan kennelijk in Kenia. Uiteindelijk nam Githongo ontslag en dook min of meer onder in Londen, in eerste instantie bij de schrijfster van dit boek, die een vriendin was, maar een voldoende vage vriendin om niet meteen alle sporen naar haar appartement te laten leiden.

Ik heb de afgelopen vijf jaar een Keniaanse studente begeleid. It's Our Turn To Eat heeft me beter laten beseffen wat zij precies moet hebben meegemaakt, terwijl ze hier nieuwswebsites zat te lezen. De desintegratie van haar land volgens stammenlijnen die tien jaar geleden nog langzaam maar zeker leken te vervagen, maar die bloedig duidelijk werden na de laatste verkiezingen in december 2007. Sommige van haar verhalen kon ik dit boek ineens beter plaatsen.

Maar ik zou It's Our Turn To Eat ook zeker aanraden aan mensen die niet toevallig een Keniaan kennen. Het heeft aan iedereen iets te vertellen, of in ieder geval aan iedereen wiens wereld wat groter is dan eigen huis en haard. Wrong schrijft niet alleen mooi en duidelijk, maar ze is ook prettig nuchter. De boodschap voor de westerse lezer, zegt ze, is niet dat er geen hulp meer naar Afrika moet, omdat het toch een corrupte bende is; en ook niet dat wij moeten denken dat we de zaak daar wel even anders kunnen organiseren. We moeten alleen onze gelden verstandig besteden en vooral steun geven aan weinig sexy onderdelen van het apparaat zoals politie en justitie, zodat die een tegenwicht kunnen bieden tegen de door en door corrupte politici. Kenianen zijn mensen, dat is het belangrijkste dat Wrong laat zien - mensen met allerlei feilen, maar die uiteindelijk ook in een beschaafde samenleving willen leven, net als iedereen.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …

Paul Celan. Verzamelde gedichten. Amsterdam: Meulenhoff, 2003.

Met een vertaling van Ton Naaijkens.Dit is het verslag van een mislukking. Paul Celan is een groot dichter die ook in Nederlandgerespecteerde liefhebbers heeft, en door een van hen, de hoogleraar Duits en vertaalwetenschap Ton Naaijkens, in het Nederlands is vertaald. Celans verhaal - dat van een Duitstalige Roemeense Jood die na de oorlog het Duits opnieuw moest uitvinden om een glimp de verschrikkingen op te kunnen schrijven - is indrukwekkend, en zijn Verzamelde gedichten zijn in het Nederlands ongehoord prachtig opgeschreven.Maar het boek ziet er ook uit als een brok geblakerd beton, en het is me niet gelukt om er doorheen te breken. Ik begrijp niet wat ik als lezer verondersteld wordt te doen met een gedicht als:Das umhergestossene
Immer-Licht, lehmgelb,
hinter
PlanetenhäuptenErfundene
Blicke, Seh-
narben,
ins Raumschiff gekerbt,
betteln im Erden-
münder.(Het alle kanten op gestoten
steeds licht, leemgeel,
achter
planetenhoofden.Bedachte
blikken, kijk-
krassen, diep
in het ruimte…