Doorgaan naar hoofdcontent

De Zoza's. Zo Zuidas. Overwerk & achterklap in de Amsterdamse kantoorjungle. Amsterdam: Pearson Education, 2010.

De Zoza's. Zo Zuidas. Ik heb teveel respect voor machthebbers. Ik kom al ruim tien jaar bijna iedere dag op de Zuidas, omdat ik op Amsterdam Zuid overstap van de trein op de fiets of de metro. Ik drink er soms een espresso en eet er soms bij Wagamama. Met andere woorden, ik zie die andere wereld, van de pakken en het overwerk en targets halen al die tijd van een afstandje. En ik heb er een soort respect voor: dat moeten slimme mensen zijn die daar werken, en ook nog niet bang om dag en nacht te werken.

Dit boek - dat ik in een bevlieging kocht in het boekwinkeltje op Amsterdam Zuid - nuanceert dat beeld. De Zuidas-denkers — of denksters, het boek is door een collectief geschreven, en ik krijg de indruk dat dit vooral uit vrouwen bestaat — graven niet zo diep. Van fascinatie voor het werk dat ze doen is in het geheel geen sprake, intelligentie of zelfs grote werklust worden niet overmatig gewaardeerd. De gemiddelde Zuidas-werker probeert volgens Zo Zuidas met zo min mogelijk moeite zoveel mogelijk geld en status binnen te slepen. Tijdschrijven? Dat gaat zo: "De tijdschrijfklokjes zijn handmatig aan te passen. Dat plaatst de tijdschrijver voor een dilemma. Bijvoorbeeld als je een memootje voor een klant moet schrijven, terwijl je dat vrijwel een-op-een kunt overnemen van een collega. (...) Die cliënt weet toch niet dat je collega onlangs al eenzelfde advies heeft gemaakt voor een andere zaak."

Het geheel maakt vooral een schoolse indruk, het is de opgewonden toon van leerlingen, zonder eigen verantwoordelijkheid, lekker keten, al moet je wel weten dat je ij die-en-die goed moet opletten. Over bazen wordt gepraat zoals vroeger over leraren op school, het zijn geen echte mensen maar karikaturen: "Mijn baas is een achtenvijftigjarige vakidioot. Hij is al-tijd op kantoor. Volgens mij gaat hij alleen naar huis om zijn tasje was weg te brengen en heeft hij een uitklapbedje achter zijn bureau." Niemand neemt echt verantwoordelijkheid, je doet misschien goed je best, maar dat alleen omdat dit moet van je baas. Universiteiten zijn al jarenlang steeds schoolser aan het worden; Zo Zuidas laat zien dat deze houding gaandeweg ook de volgende levensfase bepaalt.

Zo Zuidas geeft alles bij elkaar een boeiend beeld van een wereld waarin alles op zijn plaats staat en jij alleen je plaatsje hoeft te vinden. Je moet zorgen dat je een baan bemachtigt, maar dat is net zoiets als daten, en als je het handig aanpakt, zit je ook gebeiteld. Kritische reflectie op het soort werk dat je doet, ontbreekt geheel. Het woord crisis valt nergens. Dat is (een beetje) beangstigend: deze mensen nemen uiteindelijk wel allerlei beslisingen. Ik wist dat wel, dat de wereld in handen is van leeghoofden, maar toch kom ik moeilijk af van dat respect. Eens kijken of het me morgen lukt, als ik over het Zuidplein loop.

Reacties

Anoniem zei…
Deze reactie is verwijderd door een blogbeheerder.

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …