Doorgaan naar hoofdcontent

Rens Bod. De vergeten wetenschappen. Een geschiedenis van de humaniora. Amsterdam: Bert Bakker, 2010.

Rens Bod. De vergeten humaniora Dit boek claimt dat het 't eerste complete overzicht van de geesteswetenschappen geeft. Dat geloof ik graag, maar dat is een verbazingwekkend feit, dat op zichzelf een verklaring biedt. Rens Bod laat zien dat het verhaal van de humaniora meeslepend is en vol verrassende details. Hoe kan het dat nooit eerder op dat idee gekomen is? Die verklaring wordt niet gegeven.

Bod kiest met dit boek ook duidelijk partij. Hij laat zien dat er twee draden in de geschiedenis van de taalwetenschappen kunnen worden aangewezen. Er waren altijd mensen die patronen probeerden te ontdekken. En er waren er altijd die ontkenden dat zulke patronen bestonden, of in ieder geval dat ze ertoe deden. Alleen al door daar op te wijzen, deelt Bod zich natuurlijk in bij de eerste groep. (Hoewel zijn toon altijd prettig neutraal is, meen ik toch ook te merken dat hij iets minder geduld heeft met de tweede groep.)

Ik heb veel geleerd van Bod. Dat het niet onwarschijnlijk is dat het grote succes van de natuurwetenschappen in de zeventiende eeuw - de cirkel van data naar theorie en terug - waarschijnlijk ontleend was aan de filologie en de muziektheorie, om maat een van de vele voorbeelden te noemen. Of dat Panini al in de negentiende eeuw gelezen werd, al werd hij niet begrepen (hij is pas begrepen nadat Chomsky zijn theorie opnieuw had uitgevonden.)

De geesteswetenschappen zijn ook mijn vak, ik geef zelfs al sinds vele hiaten in Leiden het vak Geschiedenis van de taalwetenschap. Dus is het niet vreemd dat ik bepaalde draden mis. Wat mij bijvoorbeeld al heel lang boeit is de vraag: waar bevinden al die objecten van de geesteswetenschappen zich precies? Waar in de werkelijkheid zijn de taal, de logica, de muziek, de kunst, enzovoort? Bod gaat er vanuit dat dit duidelijk is - ik vermoed dat hij meent dat zij zich in de 'geest' bevinden, misschien zelfs in de hersenen, maar dat is op zijn minst niet het enig mogelijke antwoord. Je kunt ze bijvoorbeeld ook zien als eigenschappen (of het eigendom) van groepen mensen; het is geen wonder dat de raakvlakken met de sociale wetenschappen er relatief bekaaid afkomen en dat in mijn ogen een van de grootste taalkundigen van deze tijd, de sociolinguïst William Labov, helemaal niet genoemd wordt. Zo zijn er meer antwoorden op de vraag waar deze zaken zich bevinden (bijvoorbeeld: in de fysische werkelijkheid) die niet genoe,d worden.

Maar dit is allemaal gezeur van iemand die jaloers is, jaloers op zo'n achteloos vertoon van verpletterende eruditie, inzicht en dat gecombineerd met zo'n duidelijke stijl. De vergeten wetenschappen is een prachtige geschiedenis van de humaniora. Dat er nog vele mogen volgen.

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Nick Hornby. Funny Girl. Penguin, 2015.

Nick Hornby leeft in een fijne wereld, die uit twee kanten bestaat. Aan de ene kant is er competent uitgevoerd werk. Aan de andere kant bestaat er pretentieloos, maar daarom niet minder competent uitgevoerd vermaak.

Het is een wereld van romantische komedie, zij het dat die komedie ook nog best 30 jaar door kan gaan en dan nog altijd niet verzuurt. Het is een wereld waarin je af en toe geniet van een voetbalwedstrijd en dan weer van een goed boek. Het is een wereld waarin je niet eens heel veel moeite hoeft te doen om mooie, door veel mensen gemaakte dingen hoeft te maken, omdat het je eigenlijk allemaal aan komt waaien.

Het is in dit boek de wereld van Barbara uit Blackpool die aan het begin van de roman – die zich afspeelt in de jaren zestig – wegloopt als ze tot Miss Blackpool verkozen wordt en denkt dat er iets beters op haar wacht en die dan binnen korte tijd inderdaad haar eigen sitcom krijgt op de BBC. Die moeiteloos vervolgens miljoenen kijkers aan zich bindt.

Veel spanning zi…