Doorgaan naar hoofdcontent

Giuseppina Tripodi. La lezione di Rita Levi-Montalcini. Rizzoli, 2011.

Giuseppina Tripodi. La lezione di Rita Levi-Montalcini Rita Levi-Montalcini is een legende: ze won in 1986 de Nobelprijs voor de geneeskunde, ze is nog steeds actief als (levenslang) senator in Italië, en laat haar 102-jarige stem daar ook nog geregeld luid en duidelijk horen in het publieke debat. Ze zet zich in voor de goede zaak, en een paar jaar geleden heeft ze een stichting opgezet om vrouwen in de Derde Wereld (met name in Afrika) te helpen zichzelf te ontwikkelen. Ze is, kortom, een voorbeeld van hoe een intellectueel zou moeten zijn: intelligent en betrokken op de wereld.

Sinds veertig jaar heeft Levi-Montalcini een persoonlijk assistente, Giuseppina Tripodi. Deze heeft nu een boek over haar baas geschreven, en het is met gemak het bizarste boek dat ik de afgelopen tijd gelezen heb.

Dat komt doordat Tripodi zo'n eigenaardige relatie met haar baas heeft, zo'n grenzeloze bewondering, en doordat er kennelijk bij de toch vooraanstaande uitgeverij Rizzoli zo'n behoefte was aan een boek dat men bereid was het 'essay' dat Tripodi over Levi-Montalcini schreef in heel grote letters met bladzijden over heel veel bladzijden uit te smeren.

Tripodi heeft de neiging om haar baas op bijna iedere bladzijde een keer voluit te noemen. Omdat de letters zo groot zijn, betekent dit dat een groot deel van iedere bladzijde weer door de naam 'Rita Levi-Montalcini' in beslag wordt genomen. Bovendien gaat het boek eigenlijk helemaal niet over het boeiende leven en het interessante werk van deze geleerde, het gaat over slechts een les, namelijk dat de ontwikkeling van het individu belangrijk is voor de ontwikkeling van de wereld.

Na een paar bladzijden wordt je er ronduit melig van: "Rita Levi-Montalcini vindt het belangrijk dat we aandacht besteden aan de ontwikkeling van het individu. (...) Economische ontwikkeling is altijd belangrijk geweest voor Rita Levi-Montalcini. (...) Rita Levi-Montalcini heeft er haar hele leven op gewezen dat de ontwikkeling van vrouwen heel belangrijk is." En zo verder, 148 pagina's lang, in grote letters.

Het is jammer, ik had graag wat meer willen lezen van of over die vrouw. Ik dacht dat dit boek bestond uit een soort interview met haar, door haar secretaresse. Maar die secretaresse gaat nu permanent in beeld staan; ook trouwens met het feit dat ze enkele jaren geleden gedichten gepubliceerd werd, die uiteraard enorm werden gewaardeerd "door Rita Levi-Mancini".

Het zal mij benieuwen wat Rita Levi-Montalcini van dít boek vindt.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …

Paul Celan. Verzamelde gedichten. Amsterdam: Meulenhoff, 2003.

Met een vertaling van Ton Naaijkens.Dit is het verslag van een mislukking. Paul Celan is een groot dichter die ook in Nederlandgerespecteerde liefhebbers heeft, en door een van hen, de hoogleraar Duits en vertaalwetenschap Ton Naaijkens, in het Nederlands is vertaald. Celans verhaal - dat van een Duitstalige Roemeense Jood die na de oorlog het Duits opnieuw moest uitvinden om een glimp de verschrikkingen op te kunnen schrijven - is indrukwekkend, en zijn Verzamelde gedichten zijn in het Nederlands ongehoord prachtig opgeschreven.Maar het boek ziet er ook uit als een brok geblakerd beton, en het is me niet gelukt om er doorheen te breken. Ik begrijp niet wat ik als lezer verondersteld wordt te doen met een gedicht als:Das umhergestossene
Immer-Licht, lehmgelb,
hinter
PlanetenhäuptenErfundene
Blicke, Seh-
narben,
ins Raumschiff gekerbt,
betteln im Erden-
münder.(Het alle kanten op gestoten
steeds licht, leemgeel,
achter
planetenhoofden.Bedachte
blikken, kijk-
krassen, diep
in het ruimte…