7.8.11

Harry Mulisch. De aanslag. Amsterdam: De Bezige Bij, 2009 (1982)

Dertig jaar na verschijnen is De aanslag een klassieker in de Nederlandse literatuur en mij lijkt dat na dertig jaar ook terecht.
Wanneer heb ik dit boek voor het eerst gelezen? In 1982 was ik nog net iets te jong, vermoed ik, maar het gebeurde wel op de middelbare school, dat wil zeggen, vóór 1986. Daarna heb ik het denk ik nog wel een keer of twee gelezen; ik weet niet meer of ik de film gezien heb. Ik heb er wel beelden van, maar die kunnen ook gekomen zijn uit een documentaire over Mulisch - een van de belden betreft het beeld van de schei er die geniet van het feit dat naar aanleiding van zijn fantasie nu een huis in de brand wordt gestoken. Dat zat in ieder geval niet in de film.
Van het boek kon ik me meer herinneren. Ik zal wel niet de enige Nederlander zijn die op ieder willekeurig moment een adequate samenvatting kan gevenvan het plot, maar er waren ook een aantal details die ik nog wel in detail wist: de regelmatige verwijzingen naar tanden (het rijtje huizen waaruit een huis ontbreekt ziet eruit als een haveloos gebit, Anton Steenwijk wordt gedwongen mee te doen aan de vredesdemonstratie door zijn tandarts, en zo voorts). Maar er waren ook details die me nooit eerder waren opgevallen of die ik vergeten was: Peter, de broer van Anton, zit op de avond voor de aanslag een zin van Homerus te vertalen waarin de strijd tussen twee legers wordt vergeleken met het op elkaar stoten van twee riviere , en dat beeld van rivieren komt ook een aantal keer terug, het prominentst in, alweer, die vredesdemonstratie, die heel Amsterdam overspoelde met vele stromen mensen.
De aanslag is een klassieker omdat het voor een deel het Nederlandse beeld van de Tweede Wereldoorlog mede bepaalt: alle denkbare partijen komen aan de orde, en allen voelen zich slachtoffer en negeren hun eigen daderschap. Maar los daarvan is het een krachtig boek, waarin nog van alles te ontdekken valt en dat ik hopelijk nog vaker zal lezen.

Geen opmerkingen: