Doorgaan naar hoofdcontent

Enzo Bianchi. Perché avete paura? Una lettura del vangelo di Marco. Milano: Mondadori, 2011.

Enzo Bianchi is volgens Wikipedia, iemand die een christelijk leven voorstaat "dat gestoeld is op het luisteren naar Gods Woord". Uit dit boek, dat voor een groot deel bestaat uit een vertaling van het evangelie van Marcus en verder uit een uitgebreide inleiding, blijkt dat hij daarmee onder andere bedoelt: de bijbel lezen als een verzameling verhalen.
Het evangelie van Marcus is een wat vreemd, moeilijk doordringbaar verhaal als je het in deze editie leest. Het begint met een groot aantal wonderen die de de moderne lezer (mij in ieder geval) weinig zeggen. Sommige ervan zijn zelfs heel duidelijk het materiaal waar sprookjes van gemaakt zijn: het verhaal waar Jezus een vijgenboom vervloekt omdat deze geen vruchten geeft en de boom veroordeelt tot nooit meer vruchten geven.
Net als in dat verhaal doet Jezus zich ook overigens kennen als iemand die het wel erg belangrijk vindt dat mensen en bómen hem vertroetelen. Liever geschenken aan hem geven dan aan de armen, want zo lang heeft hij niet te leven.
En toch. Wat een interessante man moet het geweest zijn, met zijn keuze om in parabelen te spreken en met zijn boodschap die de hele orde op zijn kop gooide: niet geld en rijkdom en macht zijn belangrijk, maar de kinderen en de armoedzaaiers. En wat ontroerend is zo'n evangelie toch soms in zijn details:

Ook degenen die met hem gekruisigd waren, scholden hem uit.
Ineens zie je de scene voor je, Jezus aan het kruis, door iedereen uitgescholden, zelfs door de twee losers die naast hem hangen en hetzelfde lot ondergaan. Een man die totaal geminacht werd en in wie tegelijk sommige anderen iets heel speciaals hebben gezien — iemand die, wat je er ook verder over denkt, de wereld met zijn blote handen heeft opengebroken.

Reacties

Populaire posts van deze blog

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

Leïla Slimani. Chanson douce. Paris: Gallimard, 2015

Gaan Parijse romans de afgelopen decennia inderdaad allemaal over eenzaamheid? Over mensen die verloren lopen in de grote stad? Die langzaam maar zeker in hun eigen wereldje geraken, omringd door miljoenen anderen?

Dan heeft Leïla Slimani dé Franse roman geschreven, een van de mooiste die er in ieder geval in de afgelopen tijd verschenen is. Chanson douce begint met de gevolgen van een vreselijke moordpartij, waarna de spanning zich in 200 pagina's gaandeweg opbouwt. We volgen een echtpaar, Myriam en Paul, die een kinderjuffrouw in dienst nemen als Myriam aan haar juridische carrière wil bouwen. De kinderjuffrouw (of oppas, hoe noem je dat, nounou), Louise, blijkt perfect: ze maakt het huis perfect schoon en de kinderen zijn dol op haar. Myriam en Paul nemen haar zelfs mee op vakantie, naar Griekenland.

Het zijn de ingrediënten voor een horrorverhaal, zij het dat de ware horror meteen komt. Ik neem ook aan dat je hier een succesvolle film van kunt maken, want er gebeurt van alles …