Doorgaan naar hoofdcontent

Philip Roth. Deception. Brilliance Audio, 2009 (1990).

Als Philip Roth ooit een boek heeft geschreven dat een luisterboek moest worden, dan was het Deception: het boek bestaat geheel en al uit dialogen van een Amerikaanse schrijver (Philip) die in Londen woont. Meestal spreekt hij met zijn minnares tijdens hun geheime afspraakjes, maar er zijn ook wat gesprekken met andere minnaressen, met zijn vrouw en met een jaloerse man die hem ervan verdenkt iets met zijn vrouw te hebben.

Die dialogen worden hier prachtig uitgesproken door twee acteurs, een man en een vrouw. Het boek is niet erg dik, het is een van de kortere werken, uit een periode vlak voordat Roth zich met enkele grote en beroemde boeken definitief als een heel belangrijke schrijver zou leren kennen. Deception stamt uit een periode waarvan ik dacht dat ik niet zoveel hield.

Ik had het mis: wat een mooie, melancholische studie van het menselijk bedrog en uiteindelijk toch ook van de liefde is dit boek.

In recensies op het internet wordt wel gezegd dat een sterk punt van het boek is dat je soms niet meer weet of nu de man of de vrouw aan het woord is. Wanneer dat een kracht is van de geschreven tekst, gaat het verloren in deze audio-versie. Daar staat tegenover dat in deze audioversie de Amerikaanse actrice erg nadrukkelijk de Britse, Tsjechische en Poolse accenten van de verschillende minnaressen imiteert. In het begin was dat irritant, maar gaandeweg ontdek je dat je zo niet vergeet dat het misschien wel één vrouw is die met één man praat en met hem speelt – er wordt een nieuw niveau van menselijk bedrog gesuggereerd.

Wij mensen kunnen niet veel meer doen dan elkaar bedriegen – om iets te doen te hebben, om te spelen en om de gevolgen van dat spel niet al te hard te laten zijn.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …