Doorgaan naar hoofdcontent

Louis Couperus. Eline Vere. DBNL, 2012 (1889)

Het was lang geleden, heel lang geleden, dat ik Eline Vere voor het laatst las. Het was wel niet in de negentiende eeuw, maar het boek was nog geen 100 jaar oud, terwijl het er inmiddels bijna 125 telt. Het was mijn eerste Couperus, het begin van een levenslange liefde voor die schrijver.

Ik durfde er nooit naar terug te keren, omdat ik bang was dat ik teleurgesteld zou worden. Maar omdat de DBNL het boek onlangs als e-book uitbracht, durfde ik het nu wel aan. En werd inderdaad wel teleurgesteld, maar minder dan ik had verwacht, zodat het dus eigenlijk toch wel weer meeviel.

(Even terzijde: wat is de Wikipedia-pagina over Eline Vere vreselijk knullig! Het lijkt me een slechts lichtelijk bewerkte versie van een boekverslag door een scholier. Ik hoop dat er snel iemand tijd heeft om er wat meer van te maken.)

Het is duidelijk dat Couperus in zijn latere 'Haagse' romans betere versies van Eline Vere geschreven heeft. Zo zijn de meeste geloofwaardige personen in Eline Vere toch de wat fladderige jonge meisjes en een enkel wat minder betrouwbare jonge man. De oudere mensen – iedereen ouder dan 25 is wat flets en vooral onbegrip voor het werkelijke leven. Het mooie van Van oude mensen is dat het nu juist personen uit allerlei generaties geloofwaardig voorschotelt. (Wat dat betreft had Eline Vere beter Van jonge mensen kunnen heten.)

Maar als je dat eenmaal accepteert, dat Eline Vere een negentiende-eeuwse jongerenroman is, wordt het toch weer een prachtig verhaal – al dat gestoei, en al dat vlotte jongerengepraat van 125 jaar geleden! Dat eindeloze gezeur of Den Haag nu bedompt is of dat het juist prettig is dat iedereen bij de hand is; de rusteloosheid van Eline, haar nachtelijke vlucht door de stad. Want vooral Den Haag is toch wel de echte heldin van deze roman, misschien nog meer dan Eline zelf. Wat is ze mooi, zo in die jonge ogen van de tweede helft van de negentiende eeuw, met haar opera, haar uitstapjes naar Scheveningen, haar Sociëteit en al die mooie nieuwe straten!

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

Pauline Slot. Dood van een thrillerschrijfster. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016.

Er zijn te veel schrijvers in de wereld, en te weinig lezers. Zo zit het in ieder geval in de wereld van Pauline Slots nieuwe roman Dood van een thrillerschrijfster. In het hele boek komt er, afgezien van een enkele Griek, slechts één persoon voor die niet schrijft maar leest – al lijkt zelfs deze Stephen even te flirten met de gedachte dat hij weleens een kookboek zou willen maken.

Het boek speelt zich af in een schrijversretraitecentrum in Griekenland dat gedreven wordt door een Nederlandse schrijfster en haar Canadese man (de lezer). Een paar weken per jaar stellen zij hun huis open voor Nederlands- en Engelstaligen die er aan hun boek werken.

Waarom willen al die mensen schrijven? Vooral om schrijver te zijn. Waarom willen ze schrijver zijn? Dat wordt niet helemaal duidelijk, al gaat het er bij de meesten vooral om dat ze rijk en beroemd willen worden. (Er zijn er ook die een intrigerende dichtbundel schrijven of een proefschrift, maar zij zijn in de minderheid.)

Dood van een thril…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…