Doorgaan naar hoofdcontent

Gerrit Krol. Wat mooi is, is moeilijk. Amsterdam, Querido, 2013 (1991)

"Alle andere zintuigen brengen je dichter bij iets," schrijft Gerrit Krol, "de taal stelt je in staat van iets dat al te dichtbij is, afstand te nemen."

Het is slechts een van de vele inspirerende gedachten die Krol in deze essays optekent. De opstellen gaan over allerlei onderwerpen die mij erg aanspreken, en waarover ik inmiddels op mijn bescheiden manier ook veel heb nagedacht. En toch duizelen die gedachten me soms.

Neem deze zin. Om te beginnen is er het idee dat zintuigen je 'dichter bij iets' brengen: dingen die buiten zijn, komen op de een of andere manier bij je binnen doordat je ernaar kijkt of luistert, doordat je ze ruikt of voelt.

En dan de volgende sprong: de taal is ook een zintuig. Ze stelt je net zo goed in staat om de wereld te beschouwen, maar dan als een soort omgekeerde verrekijker. Iets dat al te dichtbij is – je eigen gevoelens en gedachten – krijgen in taal een vorm zodat ze te overzien zijn. Je kunt er afstand mee nemen.

Briljant, en moeilijk te begrijpen doordat het – doordat heel Krols oeuvre – gebaseerd is op een taalgevoel dat heel anders is dan dat van onze Zeitgeist. Waar de meeste mensen taal helemaal niet voelen als een zintuig, maar als een instrument, een orgaan om mee te communiceren, neemt Krol een heel ander gezichtspunt in. De taal is er niet om mee te vertellen wat je hebt gezien, de taal is er om mee te kijken.

 

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Pauline Slot. Dood van een thrillerschrijfster. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016.

Er zijn te veel schrijvers in de wereld, en te weinig lezers. Zo zit het in ieder geval in de wereld van Pauline Slots nieuwe roman Dood van een thrillerschrijfster. In het hele boek komt er, afgezien van een enkele Griek, slechts één persoon voor die niet schrijft maar leest – al lijkt zelfs deze Stephen even te flirten met de gedachte dat hij weleens een kookboek zou willen maken.

Het boek speelt zich af in een schrijversretraitecentrum in Griekenland dat gedreven wordt door een Nederlandse schrijfster en haar Canadese man (de lezer). Een paar weken per jaar stellen zij hun huis open voor Nederlands- en Engelstaligen die er aan hun boek werken.

Waarom willen al die mensen schrijven? Vooral om schrijver te zijn. Waarom willen ze schrijver zijn? Dat wordt niet helemaal duidelijk, al gaat het er bij de meesten vooral om dat ze rijk en beroemd willen worden. (Er zijn er ook die een intrigerende dichtbundel schrijven of een proefschrift, maar zij zijn in de minderheid.)

Dood van een thril…

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…