Doorgaan naar hoofdcontent

Martijn Benders. Sauseschritt. Amsterdam: Van Gennep, 2015.

Op pagina 41 van Sauseschritt, de nieuwe bundel van Martinus Benders, staat een gedicht – dat is nogal logisch, want op bijna iedere pagina in deze dikke bundel staat een gedicht. Maar let op! Dat gedicht heet De wolken en luidt als volgt: 'De hele godvergeten dag / dat afschminken van de hemel moeten aanzien. // Nooit komt een gezicht tevoorschijn / Niet eens een fatsoenlijke rimpel. // Alleen maar / dat afgrijslijke babykamertjesblauw. / Het zegt alles, het zegt genoeg.'

Dat gedicht – dat alleen al vanwege het laatste woord van de een na laatste regel zijn gewicht in goud waard is, roept kennelijk een ander gedicht op, een prozagedicht dit keer, dat wat kleiner is afgedrukt op dezelfde pagina, Kinderachtig: 'Misschien is het gewoon kinderachtig om mezelf af te vragen of ik een relatie met je zou willen aangaan. Mensen noemen me vaak de man van de blauwe pagina's. Ik heb inderdaad nog nooit iets meegemaakt wat een vermelding op papier waard was behalve dan misschien dat ik af en toe in een heel klein spiegeltje kijk. // En aan hen die vragen of ik wel eens om negen uur in de ochtend een lepeltje heb gekust dat een bepaalde dame gebruikte om yoghurt te eten ga ik enkel formeel antwoord geven, omdat zelfobsessie nu eenmaal mijn forte is.'

Dit gedicht geeft commentaar op het vorige (het spiegeltje) en weerspiegelt het in zekere zin – het babykamertjesblauw is hier het blauw van de (Facebook)pagina's –, maar het wordt zelf ook nog weer becommentarieert in een nog kleiner afgedrukt gedicht: "Je slaapt als een trein. / De vreselijke yoghurtman in het donker. / De natuur is een taal. Kun je niet lezen?'

Die ene pagina 41 geeft de ervaring van Sauseschritt in, ehm, nou, in één pagina: dat van een hoorn des overvloeds, dat van een stroom die kolkt en spat: het gaat almaar door, ieder gedicht roept het volgende op, en hoewel de dichter 'nog nooit iets heeft meegemaakt wat een vermelding op papier waard was', is het papier tegelijkertijd niet groot genoeg om alles te bevatten, zodat hij wel steeds kleiner moet gaan schrijven. Eén afdeling van de bundel bestaat zelfs helemaal uit minutieus klein afgedrukte gedichten, ongeveer evenveel als een andere dichter in een hele bundel zou geven, maar dan afgedrukt op vier pagina's.

Er komen in deze wervelwind van taal allerlei thema's voorbij, maar de grondtoon is altijd een vitale. Er wordt gedicht en vertaald (een afdeling is een bewerking van het lange gedicht Het dode huis van Yiannis Ritsos en een deel een bewerking van 'De jongen die in een hert veranderde...' van Ferenc Juhász), er wordt gedated en gescholden en vooral wordt er heel, heel veel gedicht: een groot deel van de gedichten gaat over de poëzie, over hoe het moet, over het schrijven ervan, over de hartstocht voor de poëzie en de afkeer van poëzieavondjes. Maar alles vooral over leven, leven, leven!

Reacties

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Paul Celan. Verzamelde gedichten. Amsterdam: Meulenhoff, 2003.

Met een vertaling van Ton Naaijkens.Dit is het verslag van een mislukking. Paul Celan is een groot dichter die ook in Nederlandgerespecteerde liefhebbers heeft, en door een van hen, de hoogleraar Duits en vertaalwetenschap Ton Naaijkens, in het Nederlands is vertaald. Celans verhaal - dat van een Duitstalige Roemeense Jood die na de oorlog het Duits opnieuw moest uitvinden om een glimp de verschrikkingen op te kunnen schrijven - is indrukwekkend, en zijn Verzamelde gedichten zijn in het Nederlands ongehoord prachtig opgeschreven.Maar het boek ziet er ook uit als een brok geblakerd beton, en het is me niet gelukt om er doorheen te breken. Ik begrijp niet wat ik als lezer verondersteld wordt te doen met een gedicht als:Das umhergestossene
Immer-Licht, lehmgelb,
hinter
PlanetenhäuptenErfundene
Blicke, Seh-
narben,
ins Raumschiff gekerbt,
betteln im Erden-
münder.(Het alle kanten op gestoten
steeds licht, leemgeel,
achter
planetenhoofden.Bedachte
blikken, kijk-
krassen, diep
in het ruimte…