Doorgaan naar hoofdcontent

Tom Lanoye. Revue Lanoye. Fillipica (polemische replieken). Amsterdam: Prometheus, 2016.

In een van de stukken in dit boek verklaart Tom Lanoye dat Gerrit Komrij altijd een voorbeeld voor hem is geweest.

Verhip.

Ik geloof dat ik dat nog nooit had gezien, en misschien ook nooit zou hebben gezien wanneer Lanoye het zelf niet had onthuld. Maar nu hij het zelf had gezegd, zag ik ineens her en der Komrijaanse zinnen: 'Newspeak en satire, ze zijn nooit veraf in Engeland." En ook die titel, en vooral de ondertitel ("Fillipica (polemische replieken)"), klinken die niet ook een beetje als de dode meester?

Maar eerlijk gezegd lopen de verschillen toch wel in het oog. Waar Komrij ook in zijn politiek-maatschappelijke stukken toch vooral een krullendraaier was – laten we eerlijk zijn, je leest die stukken toch niet om hun diepe inzicht maar vooral om de geestige manier waarop hij deze of gene te kijk zet –, zijn Lanoyes stukken vaak helemaal niet zo polemisch, maar vaak redelijk doorwrochte beschouwingen.

Neem het stuk dat dit weekeinde ook in NRC Handelsblad verscheen, waarin hij het cordon sanitaire dat in de Vlaamse politiek al decennia bestaat rondom Vlaams Belang verdedigt tegen Nederlandse critici. Goed, er staan een paar geestige sneren in naar de noorderburen benevens wat andere kwinkslagen, maar het is alles bij elkaar toch vooral een zeer behartenswaardige analyse van de verschillen waarmee in Vlaanderen zelfs een nationalist als Bart De Wever begrijpt dat je nare partijtjes niet, nooit aan de macht moet laten, zelfs niet een klein beetje, en het Nederlandse gehannes dat er nu al tien jaar voor zorgt dat een groot deel van het politieke bedrijf draait rondom een fanatieke malloot. Hij draait het mes in het hart van de Nederlandse lezer drie keer om: wat staan jullie nu te doen alsof er met die PVV te discussiëren valtt? Hij doet dat in een briljante stijl. Maar hij doet meer dan Komrij: hij railleert niet, hij zegt iets werkelijks, hij geeft een echt en (in ieder geval voor mij) nieuw inzicht.


Reacties

liz zei…
Mee eens. Lanoye (ooit moest ik mij behoorlijk in zijn werk verdiepen vanwege een te houden interview in een vorig leven) een originele, erudiete geest met doorwrochte meningen, Komrij, nee, eigenlijk niet
Anoniem zei…
Het is natuurlijk Filippica en niet Fillipica.

De schoolmeester

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …

Paul Celan. Verzamelde gedichten. Amsterdam: Meulenhoff, 2003.

Met een vertaling van Ton Naaijkens.Dit is het verslag van een mislukking. Paul Celan is een groot dichter die ook in Nederlandgerespecteerde liefhebbers heeft, en door een van hen, de hoogleraar Duits en vertaalwetenschap Ton Naaijkens, in het Nederlands is vertaald. Celans verhaal - dat van een Duitstalige Roemeense Jood die na de oorlog het Duits opnieuw moest uitvinden om een glimp de verschrikkingen op te kunnen schrijven - is indrukwekkend, en zijn Verzamelde gedichten zijn in het Nederlands ongehoord prachtig opgeschreven.Maar het boek ziet er ook uit als een brok geblakerd beton, en het is me niet gelukt om er doorheen te breken. Ik begrijp niet wat ik als lezer verondersteld wordt te doen met een gedicht als:Das umhergestossene
Immer-Licht, lehmgelb,
hinter
PlanetenhäuptenErfundene
Blicke, Seh-
narben,
ins Raumschiff gekerbt,
betteln im Erden-
münder.(Het alle kanten op gestoten
steeds licht, leemgeel,
achter
planetenhoofden.Bedachte
blikken, kijk-
krassen, diep
in het ruimte…