Doorgaan naar hoofdcontent

Eva Rovers. Boud. Het verzameld leven van Boudewijn Büch. Amsterdam, Prometheus, 2016.

Toen Boudewijn Büch overleed, was ik hem eigenlijk al een beetje uit het oog verloren. Ik heb geen enkel van zijn optredens bij Barend & Van Dorp ooit gezien, maar ook de laatste jaren van De wereld van Boudewijn Büch heb ik gemist, ik las over het algemeen de bladen niet waar hij columns in schreef en nu ik Eva Rovers' biografie lees merk ik dat ik eigenlijk alleen de boeken ken van rond het midden van de jaren tachtig.

De tijd dat ik zelf voor het eerst enorme stapels boeken begon te verslinden.

De laatste jaren kom ik hem weleens tegen. Hij heeft nog steeds een enorme naam onder met name tv-makers als hét voorbeeld van een popularisator van cultuur en van wetenschap, vanwege zijn enthousiamse, vanwege zijn mooie verhalen. Zo moet het eigenlijk, hoor ik die tv-makers zeggen.

Als je dit boek leest, denk je: ja, zo moet het misschien voor de televisie; maar zo moet het misschien niet voor de mens.

Wat vooral opvalt, bij Büch, is hoe oppervlakkig alles was in allerlei opzichten. Ja, het waren briljante, mooie verhalen en hij schreef er ook leuke stukjes over; maar tot een echt nieuw inzicht, of een groot boek kwam het niet. Zelfs, schrijft Rovers, wist hij mensen misschien wel te enthousiasmeren voor, pakweg, Goethe, maar zonder echt uit te leggen wat er zo goed was voor dat werk (en, zou ik willen toevoegen, zonder dat Nederlanders aantoonbaar Goethe zijn gaan lezen).

Dat valt allemaal nog te behapstukken, maar het was ook emotioneel oppervlakkig. Niemand kwam ooit echt dicht bij Boudewijn (de intieme titel Boud is in dat opzicht een beetje misplaatst, al zijn er natuurlijk ook andere betekenissen.) Hij stootte iedereen af die te nabij kwam. Hij verstopte zich, achter een facade van wat Rovers autobiografictie noemt, en uiteindelijk in zijn boekenpaleisje in de grachtengordel.

De tv maakte van Büch precies wat de tv van mensen maakt: een spetterende buitenkant met een onbekende binnenkant. Want zelfs dat verzamelen had uiteindelijk geen duidelijke kern – afgezien van de collectie oude reisboeken was het vooral véél.

Ik ben hem door Boud weer een stuk sympathieker gaan vinden, Büch, een man die uit alle macht iets probeerde, al wist hij zelf vermoedelijk niet wat. De man die grote liefde projecteerde op dodo's, Mick Jagger en Goethe en daar inderdaad heel fascinerend en amusant over wist te vertellen. En die verslaafd raakte aan het medium dat hem aandacht gaf en zorgde voor geld waarmee hij 'spulletjes' kon kopen. Die volgens tv-makers liet zien hoe het hoorde en daar zelf door werd verscheurd.

Reacties

Interessant ik hoor veel herkenbare constateringen. Wij hadden het onlangs ook over dit boek in onze podcast https://brug.info/brug3-biografie-boudewijn-buch-en-happy-mondays/ (vanaf 17:50).
Koen zei…
Hij heeft minstens één Nederlander zover gekregen dat hij Goethe is gaan lezen en dat ben ik. Hoewel ik zelden herlees, heb ik Verdichting en Waarheid al drie keer achter de kiezen. Ik was al fan van zijn tv-programma, heb ze ook allemaal op dvd en kijk ze ook nog steeds. Hij wist en weet mij dus nog steeds enthousiast te maken voor zaken. Ik heb niets met zijn fictie, zal er ook niet snel aan beginnen, maar vond "Boud" dan wel weer erg verhelderend om te lezen. Het geeft voor mij een meerwaarde aan zijn programma's en boeken.

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …

Paul Celan. Verzamelde gedichten. Amsterdam: Meulenhoff, 2003.

Met een vertaling van Ton Naaijkens.Dit is het verslag van een mislukking. Paul Celan is een groot dichter die ook in Nederlandgerespecteerde liefhebbers heeft, en door een van hen, de hoogleraar Duits en vertaalwetenschap Ton Naaijkens, in het Nederlands is vertaald. Celans verhaal - dat van een Duitstalige Roemeense Jood die na de oorlog het Duits opnieuw moest uitvinden om een glimp de verschrikkingen op te kunnen schrijven - is indrukwekkend, en zijn Verzamelde gedichten zijn in het Nederlands ongehoord prachtig opgeschreven.Maar het boek ziet er ook uit als een brok geblakerd beton, en het is me niet gelukt om er doorheen te breken. Ik begrijp niet wat ik als lezer verondersteld wordt te doen met een gedicht als:Das umhergestossene
Immer-Licht, lehmgelb,
hinter
PlanetenhäuptenErfundene
Blicke, Seh-
narben,
ins Raumschiff gekerbt,
betteln im Erden-
münder.(Het alle kanten op gestoten
steeds licht, leemgeel,
achter
planetenhoofden.Bedachte
blikken, kijk-
krassen, diep
in het ruimte…