Doorgaan naar hoofdcontent

Ewoud Kieft. Het verboden boek. Mein Kampf en de aantrekkingskracht van het nazisme.

Mein Kampf is een taboe: een verschrikkelijk boek dat je niet moet lezen, omdat het, ja, waarom? Omdat het misschien altijd nog lezers kan aantasten en veranderen in nazi's?

De historicus Ewoud Kieft zou een voorwoord schrijven voor een wetenschappelijke Nederlandse editie van dit boek, maar die editie zou uiteindelijk niet verschijnen. Kieft besloot daarop het voorwoord, waarvoor hij al wel onderzoek zou doen, als een boek uit te geven. En dit is dat boek, een mengeling van een beschrijving van wat er in het boek staat, in wat voor omstandigheden Hitler het schreef, en in wat voor omstandigheden Kieft het las.

Kieft heeft willen laten zien dat we het boek serieus moeten bestuderen, dat het taboe inmiddels eigenlijk contraproductief werkt. Het zorgt ervoor dat we het verontrustende, het griezelige niet confronteren: dat het boek, dat Hitlers boodschap aantrekkelijk is geweest voor zoveel verstandige mensen.

Eigenlijk is zijn analyse van het boek nog niet eens zo verrassend in zijn algemene strekking, maar Kieft werkt hem goed uit: de aantrekkingskracht zat erin dat het nationaal-socialisme een algemeen en dwingend, bijna religieus, wereldbeeld gaf, zonder een goede God, maar met een duidelijke kwade vijand die het al bestuurde: de Joden en de marxisten, door Hitler de hele tijd aan elkaar gelijk gesteld. De totale ellende en wanhoop konden zo begrepen worden en konden zo zin krijgen. Dat was het fijne aan de boodschap voor Hitler en zijn miljoenen bewonderaars. Het slaat nergens op, en heeft tot enorme destructie geleid, maar het is misschien inderdaad niet slecht om die demon in de ogen te zien.

Het is ook niet slecht om deze boodschap onder ogen te zien in tijden van Trump en IS. De eerste heeft een te chaotisch wereldbeeld om echt goed vergelijkbaar te zijn – al zijn er wel duidelijke elementen aan te wijzen –, maar de ideologie van IS heeft een paar duidelijke overeenkomsten: de religieuze toewijding die wordt geeist, de monomanie, het grote geloof vooral in het Kwaad. Er zijn natuurlijk ook grote verschillen (bijvoorbeeld dat het nazisme uiteindelijk seculier was, en een nog veel strakkere organisatie kende).

Maar uiteindelijk zijn die vergelijkingen wel nuttig, volgens Kieft, maar moeten ze er ook weer niet toe leiden dat we de aantrekkingskracht alsnog bij andere leiden. Mein Kampf moet niet verboden worden; maar het moet wel worden getemd.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …

Paul Celan. Verzamelde gedichten. Amsterdam: Meulenhoff, 2003.

Met een vertaling van Ton Naaijkens.Dit is het verslag van een mislukking. Paul Celan is een groot dichter die ook in Nederlandgerespecteerde liefhebbers heeft, en door een van hen, de hoogleraar Duits en vertaalwetenschap Ton Naaijkens, in het Nederlands is vertaald. Celans verhaal - dat van een Duitstalige Roemeense Jood die na de oorlog het Duits opnieuw moest uitvinden om een glimp de verschrikkingen op te kunnen schrijven - is indrukwekkend, en zijn Verzamelde gedichten zijn in het Nederlands ongehoord prachtig opgeschreven.Maar het boek ziet er ook uit als een brok geblakerd beton, en het is me niet gelukt om er doorheen te breken. Ik begrijp niet wat ik als lezer verondersteld wordt te doen met een gedicht als:Das umhergestossene
Immer-Licht, lehmgelb,
hinter
PlanetenhäuptenErfundene
Blicke, Seh-
narben,
ins Raumschiff gekerbt,
betteln im Erden-
münder.(Het alle kanten op gestoten
steeds licht, leemgeel,
achter
planetenhoofden.Bedachte
blikken, kijk-
krassen, diep
in het ruimte…