Doorgaan naar hoofdcontent

Nick Lane. The Vital Question. Why is Life the Way it Is? Profile Books, 2015

Sommige gebieden van de wetenschap zijn zo enorm in beweging dat je je kunt afvragen of het zin heeft om eind 2017 een boek uit 2015 te lezen. Is het onderzoek inmiddels niet al weer voortgesneld? Maar The Vital Question had allerlei prachtige recensies – van Bill Gates tot en met Rosanne Hertzberger – en gaat bovendien over een gebied waar ik weinig van weet – de celbiologie, de biochemie, hoe noem je dat –, terwijl het me natuurlijk, omdat ik mens ben wél interesseert.

Het boek laat zien wat we nu weten over de vraag wat leven precies is – hoe het op de bodem van de oceaan onder heel specifieke omstandigheden kan zijn ontstaan in zijn allerprimitiefste vorm van bacterieën en archaea, en hoe er uiteindelijk, mogelijk door een bizare gebeurtenis eukarioten zijn ontstaan toen een bacterie zich in een archaeon nestelde.

En hoe we het leven eigenlijk niet goed begrijpen als we blijven focussen op DNA en ons niet meer richten op het belang van energiebehoud: een wonder van het leven is dat het tijdelijk de tweede wet van de thermodynamica lijkt op te heffen, en dat lukt natuurlijk alleen door een enorm verbruik van energie. Begrijpen hoe cellen dat voor elkaar krijgen betekent beter begrijpen wat leven is.

Het is, zoals gezegd, een gebied waar ik me weinig mee bemoei en een boek zoals dit laat zien hoe onterecht dat is, hoeveel actie er zit in dit onderzoeksgebied. Lane haalt ook werk aan van allerlei collega's en van zijn eigen promovendi, die hij iedere keer weer introduceert als iemand die belang stelt in "the big questions in biology". Ik vind het, als totale buitenstaander, daarbij wel een beetje lastig dat je weinig inzicht krijgt in de vraag of er ook alternatieve paden worden onderzocht naar het antwoord op die big question dan degene die Lane hier presenteert.

Dat relatieve buitenstaanderschap betekent ook dat ik, ondanks al die prachtige recensies, niet zeker weet of ik alles heb begrepen. Ik denk dat ik over de structuur van de cel niet echt meer heb nagedacht sinds de middelbare school en allerlei termen kwamen me dan ook niet bekend voor. Achterin staat wel een lijstje met die termen, maar ik had toch ook af en toe het internet nodig om het beter te begrijpen – en dan nog weet ik niet zeker of ik alle details helemaal heb.

Maar eigenlijk maakt dat ook niet uit. Die details zijn eind 2017 waarschijnlijk toch helemaal anders. En je hóéft in zo'n populair wetenschappelijk boek ook niet alles per se te begrijpen – zolang je de grote lijn maar ziet, en de fascinatie, en de mogelijkheid dat 'we' de komende tijd een van de grotere raadsels van ons bestaan iets verder gaan ontsluieren.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …

Paul Celan. Verzamelde gedichten. Amsterdam: Meulenhoff, 2003.

Met een vertaling van Ton Naaijkens.Dit is het verslag van een mislukking. Paul Celan is een groot dichter die ook in Nederlandgerespecteerde liefhebbers heeft, en door een van hen, de hoogleraar Duits en vertaalwetenschap Ton Naaijkens, in het Nederlands is vertaald. Celans verhaal - dat van een Duitstalige Roemeense Jood die na de oorlog het Duits opnieuw moest uitvinden om een glimp de verschrikkingen op te kunnen schrijven - is indrukwekkend, en zijn Verzamelde gedichten zijn in het Nederlands ongehoord prachtig opgeschreven.Maar het boek ziet er ook uit als een brok geblakerd beton, en het is me niet gelukt om er doorheen te breken. Ik begrijp niet wat ik als lezer verondersteld wordt te doen met een gedicht als:Das umhergestossene
Immer-Licht, lehmgelb,
hinter
PlanetenhäuptenErfundene
Blicke, Seh-
narben,
ins Raumschiff gekerbt,
betteln im Erden-
münder.(Het alle kanten op gestoten
steeds licht, leemgeel,
achter
planetenhoofden.Bedachte
blikken, kijk-
krassen, diep
in het ruimte…