Doorgaan naar hoofdcontent

Martijn Neggers. Spoetnik. Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar, 2018

Als Spoetnik van Martijn Neggers zich niet in Helmond had afgespeeld, maar in Parijs, was het een heel geloofwaardige hedendaagse Franse roman geweest – het verhaal van iemand die binnen de kortste keren volkomen vereenzaamt. Hij heeft zich in Helmond gevestigd omdat hij er een baan kon krijgen als leraar maatschappijleer, maar binnen de kortste keren blijkt dat hij de hem toegewezen klassen niet aankan en erger, dat die klassen hem zelf verwijten dat hij hen niet aankan. Ook zijn buren zijn kwaad op hem omdat hij de straatprijs van de Postcodeloterij in zijn eentje heeft gewonnen en het geld meteen heeft gebruikt om zijn hypotheek deels af te lossen, terwijl zij meenden recht te hebben op die prijs.

Dus trekt hij zich terug in zijn woning, met de gordijnen dicht, drinkt bier, maakt legpuzzels en fietst op zijn hometrainer.

Spoetnik is een boek over de totale zinloosheid van het bestaan. Normale relaties zijn niet mogelijk, er is eigenlijk niets wat je zou kunnen doen en dat ook maar iets betekent. Het enige wat je kunt doen, is de tijd zo goed mogelijk doorkomen.

Het boek is ook aantrekkelijker geschreven dan menige Franse roman over het onderwerp. Tegelijkertijd is het wel een beetje jammer dat het zich in Helmond afspeelt, het drijft daarom mee op de spot die er altijd is over het 'asociale' van (Oost-)Brabanders. Ook hier worden de bewoners van de Spoetnikstraat en de leerlingen op school met ironie beschreven. Die Franse boeken spelen zich altijd af in Parijs, waar iedereen woont. Daar ligt het dus niet aan.

Het is ook eigenlijk een beetje gek dat de hoofdpersoon zo doordraait. Zoveel aanleiding is daar nu ook weer niet voor, zou je denken. Hij is om te beginnen al niet zo stabiel en Neggers geeft daar ook wel wat aanwijzingen voor, als hij in flashbacks verwijst naar de ongelukkige jeugd in Amsterdam, en het feit dat geen enkele Amsterdamse vriend al wil helpen met verhuizen.

Spoetnik is daarmee een stuk lichter dan menig Frans boek. En dat is misschien ook wel goed.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Paul Celan. Verzamelde gedichten. Amsterdam: Meulenhoff, 2003.

Met een vertaling van Ton Naaijkens.Dit is het verslag van een mislukking. Paul Celan is een groot dichter die ook in Nederlandgerespecteerde liefhebbers heeft, en door een van hen, de hoogleraar Duits en vertaalwetenschap Ton Naaijkens, in het Nederlands is vertaald. Celans verhaal - dat van een Duitstalige Roemeense Jood die na de oorlog het Duits opnieuw moest uitvinden om een glimp de verschrikkingen op te kunnen schrijven - is indrukwekkend, en zijn Verzamelde gedichten zijn in het Nederlands ongehoord prachtig opgeschreven.Maar het boek ziet er ook uit als een brok geblakerd beton, en het is me niet gelukt om er doorheen te breken. Ik begrijp niet wat ik als lezer verondersteld wordt te doen met een gedicht als:Das umhergestossene
Immer-Licht, lehmgelb,
hinter
PlanetenhäuptenErfundene
Blicke, Seh-
narben,
ins Raumschiff gekerbt,
betteln im Erden-
münder.(Het alle kanten op gestoten
steeds licht, leemgeel,
achter
planetenhoofden.Bedachte
blikken, kijk-
krassen, diep
in het ruimte…