{P} Judith Koelemijer. Het zwijgen van Maria Zachea. Een ware familiegeschiedenis. Zutphen/Apeldoorn: Plataan, 2001. Het boek schijnt het goed te doen, en het is ook wel het soort boeken waar ik van houd (en waar men van houdt: in het voetspoor van Geert Mak): ware geschiedenis over 'gewone' mensen, dat wil zeggen mensen die nooit een boek schreven, een schilderij verfden, een grootse sportprestatie leverden. Ik heb het boek ook in een avond uitgelezen en me daarbij wel vermaakt en het een en ander opgestoken. Toch is het in sommige opzichten net niet wat het zou kunnen zijn. Het is soms een beetje flets. Judith Koelemeijer beschrijft het gezin van haar vader (die elf broers en zussen had), maar daarbij blijft ze zelf helemaal buiten beeld. En verder heeft de meerderheid van die mensen, het spijt me dat ik het zeggen moet, toch een enigszins saai leven geleid, met wel wat ergernisjes over vader en moeder, maar wel heel weinig drama. Ook de stijl is wel aardig en toegankelijk, maar nergens echt spetterend. "Een feest van herkenning" zegt 'Noord-Hollands Dagblad' op de flap. Dat zal het wel vooral zijn. Maar dit klinkt dan weer een beetje te negatief. Het is toch vooral ook een aardig boek, over de vorige generatie (Koelemijer is, net als ik, van 1967).
Safae el Khannoussi. Oroppa. Pluim, 2024.
Een van de dingen die ze je niet vertellen als ze je leren lezen: dat je er als oudere plezier aan kunt leven omdat je je dan alsnog kunt laten overrompelen door de jeugd. Door de levenslust, de vertellust, de inventiviteit, de kracht van jonge schrijvers. Dat je je als 57-jarige op sleeptouw kunt laten nemen door een 30-jarige schrijver. Door Safae el Khannoussi bijvoorbeeld, met haar roman Oroppa. Het boek is al op veel plaatsen bejubeld, en het trekt je dan ook vanaf de eerste zinnen mee: De zoveelste schreeuw sneed door de kamer. Maar deze was anders. Op het bed lag de doodverklaarde met opengesperde ogen en mond, haar handen verkrampt in de lucht. De doodsreutel steeg op van het lichaam, klanken als rollend puin, een stem op straat vroeg om een aansteker en de stervende vrouw begon te schudden, te schudden alsof ze om een grap lachte. Salomé Abergel, geboren als Salma Abergel, in een voor haar lang vervlogen wereld nu bevolkt door nieuwe gezichten, krijste zichzelf terug de ...
Reacties