Doorgaan naar hoofdcontent

Philip Roth. The plot against America

Philip Roth. The plot against America. London: Jonathan Cape, 2004.

Sinds The human stain noem ik mezelf tegenover wie het horen wil een bewonderaar van Philip Roth. Nu is er een nieuw boek verschenen dat allerwege geprezen werd, en dat lijkt me terecht, want dit is de beste roman van dit jaar, ik zal er geen doekjes om winden.

Roth beschrijft hoe de jaren 1940-1942 verlopen waren voor het jongetje dat hij was en het joodse gezin waarin hij leefde als niet Roosevelt maar de antisemitische vliegenier Lindbergh de presidentsverkiezingen gewonnen had. Er is niemand die zo goed kan beschrijven hoe gebeurtenissen in de grote politiek van invloed kunnen zijn op het alledaagse leven -- hoe mensen hun best kunnen doen om alles normaal en prettig en kalm te houden, maar de buitenwereld uiteindelijk toch alles kan verpesten.

Dat vond ik al vanwege de Human stain, maar nu laat Roth ook nog zien dat hij kan beschrijven hoe een jongetje denkt en voelt als hij ziet dat om hem heen de wereld gek aan het worden is. De manier waarop zo'n jongetje dat langzaam in de gaten krijgt terwijl hij tegelijkertijd blijft vasthouden aan zijn kleinejongensangsten voor spoken in de kelder — het maakt dat je eigenlijk niet kan geloven dat Roth het niet heeft meegemaakt. Hoe zoveel mensen in het verkeerde beginnen te geloven, dat zelfs degenen die dat niet doen aan hun verstand beginnen te twijfelen: zoiets verzin je toch niet?

Nee, mij maakt die Roth niks wijs: ik denk dat Lindbergh wel degelijk president van Amerika is geweest. Gelukkig is het allemaal goed gekomen.

(Hoewel?)

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Pauline Slot. Dood van een thrillerschrijfster. Amsterdam: De Arbeiderspers, 2016.

Er zijn te veel schrijvers in de wereld, en te weinig lezers. Zo zit het in ieder geval in de wereld van Pauline Slots nieuwe roman Dood van een thrillerschrijfster. In het hele boek komt er, afgezien van een enkele Griek, slechts één persoon voor die niet schrijft maar leest – al lijkt zelfs deze Stephen even te flirten met de gedachte dat hij weleens een kookboek zou willen maken.

Het boek speelt zich af in een schrijversretraitecentrum in Griekenland dat gedreven wordt door een Nederlandse schrijfster en haar Canadese man (de lezer). Een paar weken per jaar stellen zij hun huis open voor Nederlands- en Engelstaligen die er aan hun boek werken.

Waarom willen al die mensen schrijven? Vooral om schrijver te zijn. Waarom willen ze schrijver zijn? Dat wordt niet helemaal duidelijk, al gaat het er bij de meesten vooral om dat ze rijk en beroemd willen worden. (Er zijn er ook die een intrigerende dichtbundel schrijven of een proefschrift, maar zij zijn in de minderheid.)

Dood van een thril…

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…