Doorgaan naar hoofdcontent

Marina Lewycka. A short history of tractors in Ukrainian. London: Penguin, 2006 (2005).

Ik heb zelden een boek gelezen waarvan de omslag zo misleidend was: 'Extremely funny - The Times', 'Outstanding - Daily Mail', 'Mad and hilarious - Daily Telegraph', staat er op de voorkant, en op de achterkant staan er nog wat van dat soort citaten uit de Britse pers. Maar wat ook de kwaliteiten van dit boek zijn: niet dat het hilarisch grappig is.

De humor vind ik zelfs uiteindelijk een van de zwakke kanten. Natuurlijk is het verhaaltje grappig: een man van 84, die als jongeman vlak na de Tweede Wereldoorlog naar Engeland gekomen is met zijn vrouw, en die enkele jaren geleden weduwe is geworden, denkt dat hij een nieuwe liefde heeft gevonden in een 36-jarige Oekraïense die duidelijk alleen uit is op zijn geld — dat hij niet heeft — en een Brits paspoort — dat ze niet krijgt. Maar Marina Lewycka mist volgens mij het juiste gevoel voor timing en voor toon om het echt grappig te maken, en uiteindelijk gaat het daar ook niet om: veel belangrijker is het achtergrondverhaal van de twee dochters van de bruidegom die proberen een stokje te steken voor de huwelijksplannen van hun vader, en die elkaar daardoor gaandeweg beter gaan begrijpen. Een groot verschil tussen de twee blijkt te zijn dat de een een oorlogskind is geweest, en de ander vlak na de oorlog geboren, en een ander verhaal in dit boek (dat ook duidelijk wordt uit de 'Korte geschiedenis van de tractor' die de vader aan het schrijven is), is het lot van de Oekraïeners in de twintigste eeuw, vermalen tussen Stalin en Hitler. Ik heb daarover dingen gelezen die ik niet wist: dat in de jaren dertig tussen de 7 en de 10 miljoen mensen zijn omgekomen van de honger, omdat Stalin een belachelijk kolchoz-systeem wilde doordrukken en alle voedsel naar Rusland moest worden getransporteerd om daar een goede indruk te maken op de pers. Wie dit boek leest om eens hardop te lachen, komt bedrogen uit. Je moet je hart willen laten breken.

Reacties

elma zei…
MvO:

"Maar Marina Lewycka mist volgens mij het juiste gevoel voor timing en voor toon om het echt grappig te maken, "

sja, de meningen kunnen hierover verschillen
ik vond haar wrange humor en ironie een reden om aan de pagina's geplakt te blijven zitten en het boek uit te lezen.

"en uiteindelijk gaat het daar ook niet om: veel belangrijker is het achtergrondverhaal van de twee dochters van de bruidegom die proberen een stokje te steken voor de huwelijksplannen van hun vader, en die elkaar daardoor gaandeweg beter gaan begrijpen."

natuurlijk gaat het daar ook over en ja, het is belangrijk
maar voor mij niet de reden waarom ik het uit las.

"Wie dit boek leest om eens hardop te lachen, komt bedrogen uit. Je moet je hart willen laten breken."

ik heb hardop moeten lachen, en ja, dat van dat gebroken hart is ook waar. lezen dit boek!

gr elma

Populaire posts van deze blog

Willem Frederik Hermans. Het behouden huis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012 (1952).

Het behouden huis: het is oorlog, het is al heel lang oorlog, het is doodschieten of doodgeschoten worden. Dat alles is al meteen duidelijk vanaf de eerste bladzijde van deze roemruchte novelle van Willem Frederik Hermans. En zoals de dingen gaan: ik geloof dat ik alles gelezen heb van deze beroemde schrijver, maar deze beroemde novelle, misschien wel het beroemdste wat hij schreef, nou net niet.

Het is een aangrijpend verhaal, een verhaal dat je beklemt doordat het je ertoe verleidt net zo opportunistisch te denken als de soldaat die de hoofdpersoon is. Heel lang kun je dat voor jezelf verantwoorden doordat die soldaat duidelijk aan de goede kant is: hij heeft immers aan het begin van het verhaal al meteen een hele serie vluchtende Duitsers doodgeschoten. Aan het einde van het verhaal zijn de rollen omgedraaid en blijkt hij – blijk jij, blijk ik – medeplichtig aan gruwelijker misdaden dan de Duitsers in het verhaal begaan.

Wikipedia denkt op gezag van allerlei vooraanstaande critici d…

Aafke Romeijn. Concept M. Amsterdam: Arbeiderspers, 2018.

Hava leeft in een wereld die de onze is, maar dan nét een beetje verschoven. Het is geen 2018, maar 2020 en bovendien zijn er sinds de jaren 90 hier in Nederland een paar dingen net een beetje anders gelopen. Een politieke partij heeft bijna de absolute macht gekregen en een ziekte houdt het land ook al tijden in de greep: kleurloosheid. Er worden steeds meer kinderen geboren die lijden aan die ziekte, die de samenleving handen vol geld kost, omdat de kleurlozen voortdurend een heel duur kleurmiddel nodig hebben. Radicaal-rechtse jongeren willen daarom af van al die kleurlozen, die de samenleving ontwrichten.

Hava is één van hen én ze is zelf kleurloos.

Bij zo'n het-had-ook-zo-kunnen-gaan-verhaal doet zich altijd de vraag voor: waarom vertelt iemand dit? Waarom spiegelt iemand ons een wereld voor die lijkt op de onze, maar die net een beetje anders is? Waarom geen ongebreidelde fantasie, of juist een realistisch beeld, maar iets ertussen in? Je kunt het bijna niet lezen zonder au…

Pieter A.M. Seuren. Chomsky's Minimalism. Oxford: OUP, 2004.

Noam Chomsky, dat weet iedereen, is al decennialang een centrale figuur in de taalwetenschap. In het bijzonder de leer van de zinsbouw, de syntaxis, heeft hij heel belangrijk gemaakt en nog steeds is het binnen die syntaxis zo dat iedereen naar Chomsky kijkt: sommigen vol bewondering en anderen vol afschuw, maar iedereen kijkt. Iemand die zo vol afschuw kijkt is Pieter Seuren, inmiddels alweer geruimte tijd emeritus hoogleraar in Nijmegen. In 2004 schreef hij een soort pamflet tegen Chomsky en de laatste versie van diens theorie, het zogenoemde minimalisme. Seuren laat geen spaan heel van dat minimalisme van Chomsky: de theorie zit volkomen onlogisch in elkaar, vanuit wetenschapsfilosofisch oogpunt bekeken is het een warboel, er bestaan geen feiten die deze theorie wel kan verklaren maar andere niet, terwijl omgekeerd andere theorieën wel allerlei feiten kunnen verklaren waar het minimalisme niets mee kan, enz. Maar bovenal is het boek een persoonlijke aanval op Chomsky: de man is …