29.12.07

Kenneth Branagh. Hamlet by William Shakespeare. Screenplay, Introduction and Film Diary. Lotto: Chatto and Windus, 1996 (1601).

Ruim tien jaar geleden werd de 'nieuwsgroep' nl.kunst.literatuur opgericht, waar Nederlandstalige internetters bij elkaar kwamen om over literatuur te praten. Onder het nauwelijks verhullende pseudoniem Martin Opdop schreef ik daar ook mijn mening over allerlei boeken die ik gelezen had, een voorloper op dit weblog. Die stukjes hadden altijd de vorm van een vraag-antwoordspelletje: 'Wat heeft Martin nu weer gelezen?' Op 10 juli 1997 was het antwoord: Hamlet. (Ik dacht toen dat die stukjes zouden verdwijnen, maar ik had buiten Google gerekend. Het stukje over Hamlet staat hier; alle stukjes van Martin Opdop zijn door Google fijn hier verzameld.)

Ik telde toen dat ik dat stuk al vijf keer gelezen had en vier keer gezien. Ik geloof niet dat er in de tussentijd een keer is bijgekomen. Misschien heb ik het nog een keer gezien, maar als ik het nog eens gelezen had, zou ik me dat wel herinneren.

In 1997 wist ik niet wat ik nou precies met Hamlet aanmoest, en zo herinnerde ik me het stuk nu ook: als een onbetwist meesterwerk uit de wereldliteratuur, waarvan de hoofdpersoon mij voor raadselen stelde. 

Ik heb me nu in Hamlet ondergedompeld. Ik las de tekst in het boek van Kenneth Branagh, net als tien jaar geleden, maar deze keer luisterde ik ondertussen naar een radio-opname van de BBC die ik van het internet had gedownload. Beide versies bestrijken vrijwel de gehele tekst, dus dat was gemakkelijk te doen. Door tegelijk te lezen en te luisteren raakte ik helemaal in de tekst gevangen, en vond hem prachtig.

Er zijn natuurlijk honderden interpretaties van dit stuk en sommigen daarvan zijn zo bekend dat je ze als lezer in je achterhoofd hebt zitten: Hamlet als puber, Hamlet als eeuwige twijfelaar, Hamlet als filosoof. De interpretatie waar ik nu voor viel is geloof ik ook geen ongebruikelijke: Hamlet is een man die gevangen raakt in de smerigheid van de wereld en de politiek, die zich daar met hand en tand tegen verzet maar uiteindelijk zelf de dood van min of meer onschuldigen voor zijn rekening neemt — Polonius, Rosencrantz en Guildenstern, het zijn geen lieverdjes, maar ze hadden ook geen dood verdiend. Ik las Hamlet deze keer als een stuk over het maken van vuile handen, en genoot. En ik ben benieuwd wat ik er de volgende keer van vind.


Geen opmerkingen: