Doorgaan naar hoofdcontent

Samuel Beckett. Malone Dies. New York: Grove Press, 1980 (1956).

Samuel Beckett. Molloy. Malone Dies. The Unnamable

Vertaling: Samuel Beckett

Malone gaat dood, hij ligt in een bed en wordt misschien verzorgd, soms wordt hem eten aangereikt en soms wordt zijn po geleegd. Hij ziet zijn bewakers of verzorgers niet en hij kan zijn bed niet uit. Soms roert hij met zijn stok in zijn schamele bezittingen, soms haalt hij wat persoonlijke herinneringen op (tussen neus en lippen vertelt hij dat hij vijf mensen vermoord heeft maar wie dat waren of waarom ze dood moesten, vermeldt hij niet) en verder belooft hij verhalen te vertellen: die verhalen zouden gaan over een vrouw, over een man, over een dier en over een steen, maar als ik het goed begrijp komt het alleen min of meer van het verhaal over die man, die aanvankelijk Sapo heet totdat Malone beseft dat Sapo een nare naam is; vanaf dan heet hij Macmann.

Macmann begint gaandeweg steeds meer op Malone te lijken, althans hij eindigt ook oud en eenzaam in een bed en krijgt een eigenaardige relatie met een verzorger die hem zijn schrijfpotlood wil afnemen en met een steen (!) allerlei mensen doodslaat.
Ook Molloy en Moran, uit Beckett's eerdere roman Molloy, hebben er iets mee te maken, al weet ik niet wat. Net als bij dat eerdere boek is het onmogelijk om Malone sterft samen te vatten zonder de indruk te wekken dat de schrijver en zijn lezers volkomen krankjorum moeten zijn.

Ik moet toegeven dat ik af en toe de draad een beetje kwijt was — maar het recept is doorlezen, je laten meeslepen en geen antwoord proberen te vinden op vragen als: hoe komt het dat er in Becketts gezinnen altijd zo'n enorm wantrouwen heerst over materiële zaken? (De vader van Sapo wil zijn zoon geen pen geven omdat die toch maar zoekraakt of stuk gaat. Zo dacht Malone ook over zijn zoon.) Waarom begint iedereens naam met een M? En wat moet dat met al dat verzamelen van armetierige bezittingen?

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Nick Hornby. Funny Girl. Penguin, 2015.

Nick Hornby leeft in een fijne wereld, die uit twee kanten bestaat. Aan de ene kant is er competent uitgevoerd werk. Aan de andere kant bestaat er pretentieloos, maar daarom niet minder competent uitgevoerd vermaak.

Het is een wereld van romantische komedie, zij het dat die komedie ook nog best 30 jaar door kan gaan en dan nog altijd niet verzuurt. Het is een wereld waarin je af en toe geniet van een voetbalwedstrijd en dan weer van een goed boek. Het is een wereld waarin je niet eens heel veel moeite hoeft te doen om mooie, door veel mensen gemaakte dingen hoeft te maken, omdat het je eigenlijk allemaal aan komt waaien.

Het is in dit boek de wereld van Barbara uit Blackpool die aan het begin van de roman – die zich afspeelt in de jaren zestig – wegloopt als ze tot Miss Blackpool verkozen wordt en denkt dat er iets beters op haar wacht en die dan binnen korte tijd inderdaad haar eigen sitcom krijgt op de BBC. Die moeiteloos vervolgens miljoenen kijkers aan zich bindt.

Veel spanning zi…