17.11.10

Ahmed Marcouch. Mijn Hollandse droom. Amsterdam: Contact, 2010.

Ahmed Marcouch. Mijn Hollandse droom. "Mijn vader", schrijft Ahmed Marcouch, sinds juni Tweede Kamerlid voor de PvdA, "verliet als dertiger te voet zijn huis in het dorpje aan de Marokkaanse kust en liet zijn vrouw en kinderen achter." En hij vervolgt:

Op mij is niet van toepassing: 's avonds nog krantenjongen en de volgende ochtend miljonair. Die Amerikaanse droom is niet op mij van toepassing. Ik heb een betere droom: een echt gebeurde, mijn Hollandse droom: van krantenjongen tot maatschappelijk actieve politicus, na jaren stapje voor stapje vooruitkomen. Kansen zien en pakken, onderwijs stapelen, hard werken, geen genoegen nemen met middelmatigheid.

Dat citaat, daar zit alles in wat je over Mijn Hollandse droom kunt zeggen. In de eerste plaats is er de, al dan niet bewuste parallel met Barack Obama: dit boek lijkt (waarschijnlijk) op Dreams of My Father en (zeker) op The Audacity of Hope, het vormt daar als het ware de Nederlandse pendant van: een zoon van een 'kansloze' immigrant die door hard ploeteren opklimt tot een hoog politiek ambt.

Marcouch zet zich in deze passage ook expliciet af tegen de Amerikaanse droom, maar volgens mij begrijpt hij die droom niet helemaal. Althans, ik denk niet dat het een onderdeel van de Amerikaanse droom is dat je zomaar van de ene dag op de andere miljonair wordt. Ook daar hoort hard werken en stapje voor stapje vooruitkomen erbij. Wel is het inderdaad de bedoeling dat je steenrijk wordt en niet zozeer dat je de politiek ingaat, en dat lijkt me dan ook het belangrijkste verschil tussen Marcouch' droom en de Amerikaanse - een sympathiek verschil.

Marcouch komt uit dit boek toch al naar voren als een sympathieke persoon - iemand die vindt dat je problemen oplost door hard te werken. Hij vertelt hoe hij op de politieschool de leraren tot wanhoop dreef door veel te veel tijd aan zijn huiswerk te besteden: meer dan drie uur per dag.

Dat soort mensen stelen mijn hart, die mentaliteit zouden veel meer mensen moeten hebben, en niet alleen immigranten trouwens. Onze samenleving heeft behoefte aan respect voor kennis en werken, vooral voor werk dat je doet voor de publieke zaak en niet per se voor persoonlijk gewin.

Of Marcouch een even groot politicus zal zijn als Obama, moet nog blijken. Naar mijn smaak gaat het in dit boek vooralsnog wel heel exclusief om de problemen van de Marokkaanse gemeenschap. Die problemen zijn vast heel groot, en Marcouch weet er inzichtelijk over te schrijven, maar ik vind het jammer dat niet duidelijker wordt dat Nederland wel iets groter is dan Slotervaart.

Toch heb ik veel geleerd. Zo weet ik nu eindelijk waarom Marokkanen zulke vreselijk zoete thee serveren aan de visite. Suiker is een teken van rijkdom, thee zonder suiker is voor de armen, en voor je gasten wil je alleen het allerbeste: mierzoete thee.

Geen opmerkingen: