Doorgaan naar hoofdcontent

Bas Mesters. Italiaanse streken. Een Romeinse wandeling door een land op drift. Amsterdam: Bert Bakker, 2015.

In Italië ben ik een provinciaal. Ik kom heel vaak in het land, maar vrijwel alleen maar in de provincie van Chieti in Abruzzo, omdat mijn schoonfamilie daar woont. In Rome ben ik de afgelopen twintig jaar niet echt geweest — alleen op het vliegveld, en van het vliegveld op doorreis met de bus.

Ik zie het land dus anders dan Bas Mesters, die het land in dit boek juist beschrijft in een wandeling door Rome; met weliswaar af en toe een uitstapje, maar toch vooral met die grootstedelijke invalshoek. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat hij een ander land beschrijft dan ik ken. Integendeel, dit is een prettig en helder boek waarin allerlei aspecten van Italië van de afgelopen 12 jaar heel prettig op een rom worden gezet: de politiek, de kerk, het belang van het eten, de wanhoop, de voortdurende hang naar het mooie, de eeuwige verleiding van het lelijke.

Het enige wat een beetje stoort aan het boek, vind ik, is de structuur. Mesters beschrijft een wandeling van een dag door Rome: ieder uur komt hij bij een nieuw gebouw aan (het Vaticaan, het huis van Berlusconi) en vertelt hij iets over Italië aan de hand van dat gebouw. Dat heeft iets kunstmatigs. Bovendien vindt de wandeling om de een of andere reden in 2012 plaats, terwijl de beschreven gebeurtenissen zowel eerder als later hebben plaatsgevonden (een heel hoofdstuk gaat over Renzi, die in 2012 nog burgemeester van Florence was). Dat begrijp ik zelfs niet goed.

Maar het is wel prettig om Italië door Mesters bril te zien. Niet alleen omdat zijn blik grootstedelijk is, maar ook omdat hij helder is en de zaken in een breed perspectief zet. Omdat hij laat zien hoe verrot het land is. En hoe prettig.

Reacties

Hallo Marc

Misschien heb je ook interesse in mijn verhalen over het dagelijkse leven van een Nederlander in Italie? Dat geeft weer een andere kijk.
Mijn boeken zijn verschenen onder de titels Italiaanse Toestanden en Meer Italiaanse Toestanden.
Zie http://italiaanse-toestanden.duepadroni.it voor leesfragmenten en info.

Populaire posts van deze blog

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

Leïla Slimani. Chanson douce. Paris: Gallimard, 2015

Gaan Parijse romans de afgelopen decennia inderdaad allemaal over eenzaamheid? Over mensen die verloren lopen in de grote stad? Die langzaam maar zeker in hun eigen wereldje geraken, omringd door miljoenen anderen?

Dan heeft Leïla Slimani dé Franse roman geschreven, een van de mooiste die er in ieder geval in de afgelopen tijd verschenen is. Chanson douce begint met de gevolgen van een vreselijke moordpartij, waarna de spanning zich in 200 pagina's gaandeweg opbouwt. We volgen een echtpaar, Myriam en Paul, die een kinderjuffrouw in dienst nemen als Myriam aan haar juridische carrière wil bouwen. De kinderjuffrouw (of oppas, hoe noem je dat, nounou), Louise, blijkt perfect: ze maakt het huis perfect schoon en de kinderen zijn dol op haar. Myriam en Paul nemen haar zelfs mee op vakantie, naar Griekenland.

Het zijn de ingrediënten voor een horrorverhaal, zij het dat de ware horror meteen komt. Ik neem ook aan dat je hier een succesvolle film van kunt maken, want er gebeurt van alles …