Doorgaan naar hoofdcontent

D.H. Lawrence. Women in love. Feedbooks, 2010 (1920)

D.H. Lawrence. Women in love Ophouden met lezen in een boek voelt voor mij altijd minstens een beetle als een nederlaag. Er moet iets aan het boek zijn dat ik niet goed begrijp, ik moet tekortschieten tegenover de auteur, anders zou ik toch wel verdergaan?

Ik had onlangs Sons and lovers met veel plezier en bewondering gelezen, het was een revelatie voor me geweest en ik wilde nog meer van die Lawrences lezen, een van zijn andere meesterwerken. Wat kon daar misgaan?

Het ging mis. Ik ben tot ongeveer tweederde gekomen, maar ik merkte dat ik zozeer de pagina's tot het eind aan het aftellen was, dat zelfs de schaamte over het opgeven bij een erkend meesterwerk niet opwoog tegen het plezier dat ik mezelf gaf door te stoppen met lezen. Dat heb ik toen maar gedaan.

Waar ligt zoiets nou aan. Misschien komt het doordat ik met Buddenbrooks gelezen heb, en daar kan weinig tegenop. Ook Sons and lovers zou ik nu waarschijnlijk minder mooi gevonden hebben. Maar er is ook echt iets in dit boek dat me niet bevalt: de hoofdpersonen. Ze leuteren me teveel ober hun persoonlijke verhoudingen, hoe ze zich precies tot elkaar verhouden, hoe gevoelens van minuut tot minuut fluctueren, hoe ze niet conventioneel willen zijn, maar elkaar wel vast willen houden, enzovoort. Sons and lovers heeft dat ook wel een beetje, maar toch ook wat meer mysterieuze rauwe personen die niet zo hypergevoelig zijn de hele tijd.

Women in love sluit de lezer op in een benauwde vierhoeksrelatie. De scènes die buiten dat viertal treden - de vrijgevochten moderne jeugd in Londen, de zoektocht naar een zus die in het water gevallen is - zijn nog wel interessant, ,aar dan gaat het steeds weer onvermijdelijk door naar eindeloze bespiegelingen van in mijn ogen weinig volwassen personen. Niet ik, maar Gudrun, Ursula, Rupert en Gerald zijn de schuld dat ik dit boek terzijde heb moeten leggen, verdorie!

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Nick Hornby. Funny Girl. Penguin, 2015.

Nick Hornby leeft in een fijne wereld, die uit twee kanten bestaat. Aan de ene kant is er competent uitgevoerd werk. Aan de andere kant bestaat er pretentieloos, maar daarom niet minder competent uitgevoerd vermaak.

Het is een wereld van romantische komedie, zij het dat die komedie ook nog best 30 jaar door kan gaan en dan nog altijd niet verzuurt. Het is een wereld waarin je af en toe geniet van een voetbalwedstrijd en dan weer van een goed boek. Het is een wereld waarin je niet eens heel veel moeite hoeft te doen om mooie, door veel mensen gemaakte dingen hoeft te maken, omdat het je eigenlijk allemaal aan komt waaien.

Het is in dit boek de wereld van Barbara uit Blackpool die aan het begin van de roman – die zich afspeelt in de jaren zestig – wegloopt als ze tot Miss Blackpool verkozen wordt en denkt dat er iets beters op haar wacht en die dan binnen korte tijd inderdaad haar eigen sitcom krijgt op de BBC. Die moeiteloos vervolgens miljoenen kijkers aan zich bindt.

Veel spanning zi…