13.2.08

Christine Denniston. The Meaning of Tango. The Story of the Argentinian Dance. London: Portico, 2007

Christine Denniston. The Meaning of Tango Volgens Christine Denniston valt de tango alleen te begrijpen als een poging van de man om de vrouw te behagen. Dat heeft volgens haar alles te maken met de geschiedenis van de dans, die ontstaan is in een tijd dat er tienduizenden gelukszoekers naar Buenos Aires trokken om daar rijk te worden. De stad had daarom een groot overschot aan mannen, en een van de weinige manieren waarop zij in contact met een vrouw konden komen was door de dans. In prácticas oefenden mannen eerst jarenlang met elkaar voor ze voor het eerst een vrouw durfden vragen. Omdat ze tijdens als dat oefenen ook de volgende rol heel goed hadden leren kennen, wisten ze precies wat er prettig was voor een vrouw. Dat werd de basis voor de Argentijnse tango.

Christine Denniston is kennelijk een Britse autoriteit op het gebied. In haar boek vind je, behalve deze originele kijk op de dans, vooral een groot verlangen naar de Gouden Tijd van de tango, de periode van 1935 tot 1955, toen de tango zowel als muziekvorm als als dans op zijn hoogtepunt was. In 1955 kwam de junta voor decennia het plezier verstoren: de dans raakte helemaal in de gevarenzone. Alleen (erg) oude dansers beheersen de technieken nog, die voor Denniston de charme heeft van het autentieke. Van andere stijlen die in de jaren negentig ontwikkeld zijn (milonguero, nuevo, close embrace) moet ze niet veel hebben: wat die mensen verzinnen is in de Gouden Tijd allemaal al eens gedaan, en meestal beter. Een groot gevoel van nostalgie voor de door de politiek bijna volkomen geknakte traditie vloeit door dit boek: een traditie waarin de man er, door te leiden, alles aan doet om zich ondergeschikt te maken aan het genoegen van de vrouw.

11.2.08

L.N. Tolstoj. Anna Karenina. Amsterdam: Van Oorschot, 1965 (1877).

Vertaling: Wils Huisman.

L.N. TolstojMensen zijn zo verbijsterend ingewikkeld. Hoe kan iemand een zo dik, zo rijk boek schrijven als Anna Karenina, zo vol van mensen, zo vol van kleine details waaruit blijkt dat hij alles gezien heeft, dat hij de menselijke ziel in allerlei facetten doorgrond heeft, en dat boek dan eindigen op zo'n vreemde religieuze toets? Hoe kan zoveel subtiliteit uitmonden in zo'n onsubtiel gevoel? Ik las ergens op internet dat de tijdschriftuitgevers waarin het verhaal oorspronkelijk verscheen, weigerden het laatste deel uit te geven, en dat het pas in boekvorm verschenen was. Wat waren die tijdschriftuitgevers wijs.

De eerste zeven delen van Anna Karenina zijn samen waarschijnlijk wel mijn lievelingsboek. Iedere bladzijde kun je herlezen en herlezen. Vooral waar het gaat over de subtiele psychologie tussen twee mensen is hij onovertroffen. Wronski komt thuis nadat hij eerder op de avond een grote ruzie met Anna heeft gehad en hij hoort van de meid dat Anna naar bed is gegaan en hem niet meer wil laten zien. Goed, denkt hij, dan ga ik naar mijn kamer. Ondertussen ligt Anna te luisteren want ze heeft vantevoren bedacht dat hij als hij nog van haar houdt, toch naar haar kamer zal komen. 

Zo is het leven – helaas. Zo is de kunst – gelukkig.