Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Posts uit maart, 2012 weergeven

Alexander Pechtold. Henk, Ingrid en Alexander. Amsterdam: Bert Bakker, 2012.

Binnen korte tijd publiceerden twee Nederlandse parlementariërs een boek over de democratie dat overwegend bestaat uit vraaggesprekken: onlangs las ik Gerdi Verbeets boek met gesprekken met allerlei deskundigen, nu heb ik ook Alexander Pechtolds boek gelezen met gesprekken met 'Henk en Ingrid'. Pechtolds beslissing om niet met journalisten en professoren te maken, maakt zijn boek tegelijk minder interessant en interessanter. Het is minder interessant omdat de meeste PVV-stemmers nu eenmaal niet zullen vreselijk interessante dingen te zeggen hebben over politiek. Ze zijn ontevreden zonder dat ze goed kunnen articuleren waarom ze nu zo ontevreden zijn. Ze denken dat iedere gedachte die in hun hoofd opkomt automatisch de gedachte is van 'het Nederlandse volk' of ze denken dat ze door een 'proteststem' uit te brengen, de zaken ten goede kunnen beïnvloeden. (Net alsof iemand dat protest zou kunnen duiden.) Ze hebben, kortom, niet een veel verheffender mening dan …

James Joyce. Ulysses. Gutenberg, 2003 (1923).

Jawel, ik heb nu Ulysses gelezen. Maar wat vond ik er eigenlijk van? Ik hoef het natuurlijk tegen niemand te zeggen, behalve dat ik me nu eenmaal ooit voorgenomen heb om over ieder boek dat ik uitlas iets te schrijven. En ik kan hier toch moeilijk het verhaaltje gaan samenvatten. Het was bij tijden een worsteling. Ik las het boek op mijn iPad, terwijl ik luisterde naar een audioversie van een Ierse acteur die het briljant voorlas. Met alleen de geschreven tekst of alleen de acteur was het me waarschijnlijk niet gelukt. Samen lukte het hen om mijn gedachten er genoeg bij te houden. Bovendien begreep ik zo meer: als de tekst duister was, hielp soms de intonatie van de stem. Als woorden me ontgingen bij het voorlezen, kon ik ze zien. Die grote inspanning werd ook wel beloond door iets: de meeslependheid van het project om in zoveel detail een gedachtestroom voor te stellen en op te schrijven, al die gedachtes en allusies aan allerlei dingen. Het moderne stadsleven van honderd jaar ge…

Gerdi Verbeet. Vertrouwen is goed maar begrijpen is beter. Over de vitaliteit van onze parlementaire democratie. Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar, 2012.

Gerdi Verbeet lijkt me een aardig mens: ze wil het goede voor Nederland, althans wat zij als het goede beschouwt: de mensen betrekken bij de parlementaire democratie. In dit boek doet ze verslag van haar zoektocht naar manieren om dat te doen. Haar methode is daarbij dat ze een aantal vooraanstaande denkers op dit gebied — journalisten als Joris Luyendijk, wetenschappers als Irene Costera Meijer, ex-politici als Femke Halsema — opzoekt om hen over het onderwerp te bevragen. In die zoektocht blijkt al snel dat er in Nederland niet zo vreselijk veel mis is met de democratie, of met het vertrouwen van de burger erin. De enkeling die iets anders beweert — bestuurder in ruste Bram Peper, bijvoorbeeld — schetst een zo ongeloofwaardig inktzwart scenario (de guillotines staan al klaar) dat het alleen maar bijdraagt aan het beeld van rust en vredigheid onder al het gemopper. Dat lijkt mij nu eigenlijk ook. Zolang Wilders en consorten nog zoveel stemmen krijgen, is er kennelijk zelfs een aan…

Enzo Bianchi. Perché avete paura? Una lettura del vangelo di Marco. Milano: Mondadori, 2011.

Enzo Bianchi is volgens Wikipedia, iemand die een christelijk leven voorstaat "dat gestoeld is op het luisteren naar Gods Woord". Uit dit boek, dat voor een groot deel bestaat uit een vertaling van het evangelie van Marcus en verder uit een uitgebreide inleiding, blijkt dat hij daarmee onder andere bedoelt: de bijbel lezen als een verzameling verhalen.
Het evangelie van Marcus is een wat vreemd, moeilijk doordringbaar verhaal als je het in deze editie leest. Het begint met een groot aantal wonderen die de de moderne lezer (mij in ieder geval) weinig zeggen. Sommige ervan zijn zelfs heel duidelijk het materiaal waar sprookjes van gemaakt zijn: het verhaal waar Jezus een vijgenboom vervloekt omdat deze geen vruchten geeft en de boom veroordeelt tot nooit meer vruchten geven.
Net als in dat verhaal doet Jezus zich ook overigens kennen als iemand die het wel erg belangrijk vindt dat mensen en bómen hem vertroetelen. Liever geschenken aan hem geven dan aan de armen, want zo la…

Ernst-Jan Pfauth. Gij zult bloggen. Een bliksemstart voor iedereen die zich tot het blogevangelie bekeert.Amsterdam: Einstein Books, 2012

Ik schrijf al meer dan tien jaar aan dit leeslog. Volgens Ernst-Jan Pfauth, die 15 was toen ik begon, maak ik daarmee deel uit van de 'spannendste schrijfrevolutie sinds de boekdrukkunst.' Hij heeft hierover een boekje geschreven dat je tijdens de boekenweek gratis kunt downloaden. Of eigenlijk maak ik misschien volgens Pfauth geen deel uit van de revolutie, want het aantal bezoekers van mijn leeslog is gering. De meeste besprekingen trekken zo'n honderd lezers, al zijn er uitschieters naar boven en naar beneden. Het populairst (voor zover er sprake is van populariteit) is een stukje dat ik ooit schreef over een roman van Aliefka Bijlsma, dat ik trouwens ook al gratis gedownloaded had. Terwijl Pfauth uiteindelijk toch streeft naar succes en succes afmeet aan bezoekersstromen — een volkomen legitieme stelregel die ik elders ook wel hanteer — is mijn leeslog toch vooral een volkstuintje. Ik zet er aardige chrysanten in, en het is leuk als er een voorbijganger af en toe n…

Arnon Grunberg: Voetnoot. Eerste verzameling. Amsterdam: Nijgh & Van Ditmar, 2012.

Ik moet misschien mijn aankoopbeleid eens herzien. Ik weet allang dat ik veel meer van Grunberg de fictieschrijver houd dan van Grunberg de denker en de commentator. Zijn verhalen zijn duister en maken je een beetje bang, zijn gedachten zijn vaak wat dun. Ook in deze 'eerste' bundeling van zijn dagelijkse column in de Volkskrant staat weinig dat ik niet al wist of ergens anders gelezen had. Erger nog: met de meeste beweringen van Grunberg ben ik het wel min of meer eens, hij haalt uit naar voor de hand liggende slachtoffers als minister-president Rutte of de koopman-intellectueel F. Bolkestein. Daar gaan mijn oren niet van flapperen. Toch valt niet uit te sluiten dat ik een volgende editie toch ook weer op mijn iPad download. Omdat het prettige lectuur tussendoor is, zoals het voor de schrijver vast prettig is om tussendoor te schrijven. Omdat de almaar lava spuwende vulkaan die Grunberg is een adembenemend fenomeen is om als tijdgenoot te aanschouwen — als je een dag denkt …

Daniel Kahneman. Thinking, fast and slow. London: Allen Lane, 2011

Nobelprijswinnaar Daniel Kahneman is volgens Steven Pinker 'zeker de belangrijkste psycholoog van dit moment'. In Thinking, fast and slow geeft hij, als ik het goed zie, een overzicht van zijn hele onderzoekscarrière. Hij doet dat aan de hand van drie tegenstellingen. De eerste is tussen wat hij 'Systeem 1' en 'Systeem 2' noemt, twee manieren waarop mensen denken. Systeem 1 is snel, intuïtief, onbewust, nauwelijks onder controle te brengen: het zorgt ervoor dat je in een plaatje met honderd lachende gezichten onmiddellijk het boze gezicht eruit pikt. Systeem 2 is langzamer, logischer, stapgewijs en heeft met aandacht en bewustzijn te maken: als je even snel 17x33= uitrekent, voel je hoe je in je hoofd een aantal stappen zet om tot het eindresultaat te komen. Het tweede onderscheid is dat tussen 'Econs' en 'Humans'. Econs zijn de rationele agenten uit de klassieke economische theorie: individuen die uit zijn op winstmaximisatie en in dat strev…

Stephen Fry. The Fry Chronicles. London: Penguin, 2010.

The Fry Chronicles is een heel geschikt boek voor Britten en voor mensen die graag willen voelen dat ze geen Britten zijn. Het boek is het tweede deel in de autobiografie van de Engelse knuffelintellectueel Stephen Fry - komiek, schrijver, acteur, van alles een beetje en een beetje moeilijk maar net niet té, zodat je nog net op tv komt - en beschrijft de jaren van zijn opkomst. Hij maakt daarin schaamteloos misbruik van het krediet dat hij in de loop van de jaren heeft opgebouwd. Het is een beetje alsof Wim de Bie ineens een heel dik boek publiceert met allerlei confidenties (zij het dat Stephen Fry als ik het goed begrijp nooit zo op zichzelf is geweest als De Bie, verder hebben ze wel een vergelijkbaar profiel). Bah, wat klinkt het voorafgaande negatief. Ik heb Fry's boek met groot plezier gelezen, al heb ik soms stukken overgeslagen die uitgebreid ingingen op allerlei televisieprogramma's die ik nooit gezien heb en beroemdheden van wie de naam me weinig zegt. Maar daartuss…