Doorgaan naar hoofdcontent

Stephen Fry. The stars' tennis balls

Stephen Fry. The stars' tennis balls. London: Arrow Books, 2001.

Waarom verzint iemand zo'n absurd verhaal? Een zeventienjarige Engelse jongen die naar Oxford zou gaan krijgt van een stervende man een brief die hij ergens moet bezorgen, maar een paar van zijn vrienden stoppen wat drugs in zijn jasje en geven hem aan bij de politie. Die vinden dan ook de brief, die van een terroristische organisatie blijkt te zijn. De ondervragende politieman komt er echter achter dat de geadresseerde van de brief zijn eigen moeder is. Hij verdonkeremaant het bewijs en stopt de jongen twintig jaar in een gekkenhuis. Daar ontmoet hij een oude man van wie hij negen talen leert, en techniek, en schaken en van wie hij bovendien enkele honderden miljoenen euro's erft. Daarmee zet hij een groot internetbedrijf op, en bovendien neemt hij bloederig wraak op zijn vrienden en de politieman voor hij, uit eigen vrije wil, weer teruggaat naar het gekkenhuis.

Een van de thema's van het boek is: wat betekent het om 'Brits' te zijn? Dat is in ieder geval een echt Brits thema. Ik ken nauwelijks boeken in het Duits, Frans of Nederlands over de vraag wat het betekent Duits, Nederlands of Frans te zijn. Waarom zijn de Britten daar wel zo mee bezig? De Amerikanen hebben het trouwens ook - The plot against America van Roth gaat bijvoorbeeld deels ook over de vraag wat het betekent Amerikaans te zijn.

Het grootste deel van het boek is het een grappig, luchtig verhaal zoals er in het Engels (gelukkig) zo veel zijn -- een wat melancholischer versie van Ben Elton -- maar na verloop van tijd ontpopt de hoofdpersoon zich tot een genadeloze wreker. Dan wordt het ook wat minder leuk, al heb ik het wel in één lange treinreis uitgelezen. Al is het maar omdat er ook nog een hartverscheurend (zij het volkomen absurd) liefdesverhaal verteld wordt.

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Remco Campert. Compact. Amsterdam: Van Oorschot, 2016.

Nu Simon Carmiggelt, Annie M.G. Schmidt en Margo Minco aan de beurt waren geweest, mocht Remco Campert niet ontbreken in de serie Gedundrukt van Van Oorschot, waarin ieder jaar kennelijk een 'meester van de korte baan' wordt geëerd.

Helaas is de selectie, op verzoek van Campert gemaakt door zijn biograaf Mirjam van Hengel, nogal braaf uitgevallen. In de drie afdelingen, met gedichten, verhalen en columns, overheerst een licht melancholische toon en wordt vooral veel autobiografisch of quasi-autobiografisch teruggekeken op des schrijvers jonge jaren. (Althans, er gaat nogal veel over die jonge jaren. In technische zin wordt er natuurlijk niet altijd teruggekeken, omdat sommig werk in die jonge jaren geschreven is.) Er zijn verhaaltjes en gedichtjes over de kindertijd, over de jonge jaren, als jonge student.

Misschien is het omdat Van Hengel met haar onderzoek voor haar eigen boek vooral die periode heeft afgedekt en dus dat deel van het oeuvre goed kent, maar mij ging het op ze…

A.F.Th. van der Heijden. Advocaat van de hanen. Querido, 2014 (1990).

Omdat ik deze zomer intensief Van der Heijdens feuilleton President Tsaar op Obama Beach volgde, las ik parallel daaraan ook sommig ouder werk terug: vaak slechts voor een deel, omdat ik me iets herinnerde bij het lezen van het feuilleton, maar sommige boeken heb ik uiteindelijk voor een zo groot deel nagelezen dat ze uiteindelijk ook wel in dit logboekje terecht zullen komen.

Advocaat van de hanen is waarschijnlijk Van der Heijdens meestgelezen boek, omdat het relatief zelfstandig staat van de rest van de cyclus én omdat het ongeveer de structuur heeft van een thriller. Het is allemaal relatief: er wordt eigenlijk onderhuids behoorlijk veel verwezen naar de rest van Van der Heijdens werk, en voor een thriller is het nu ook weer niet zo heel spannend. Hoe de betrokkenheid van Ernst Quispel bij de moord op Kiliaan Noppen precies is, is weliswaar in het begin niet heel erg duidelijk, maar ook geen groot mysterie; en de onthulling van wie nu precies de echte moordenaar is, komt als een so…

Nick Hornby. Funny Girl. Penguin, 2015.

Nick Hornby leeft in een fijne wereld, die uit twee kanten bestaat. Aan de ene kant is er competent uitgevoerd werk. Aan de andere kant bestaat er pretentieloos, maar daarom niet minder competent uitgevoerd vermaak.

Het is een wereld van romantische komedie, zij het dat die komedie ook nog best 30 jaar door kan gaan en dan nog altijd niet verzuurt. Het is een wereld waarin je af en toe geniet van een voetbalwedstrijd en dan weer van een goed boek. Het is een wereld waarin je niet eens heel veel moeite hoeft te doen om mooie, door veel mensen gemaakte dingen hoeft te maken, omdat het je eigenlijk allemaal aan komt waaien.

Het is in dit boek de wereld van Barbara uit Blackpool die aan het begin van de roman – die zich afspeelt in de jaren zestig – wegloopt als ze tot Miss Blackpool verkozen wordt en denkt dat er iets beters op haar wacht en die dan binnen korte tijd inderdaad haar eigen sitcom krijgt op de BBC. Die moeiteloos vervolgens miljoenen kijkers aan zich bindt.

Veel spanning zi…