26.10.09

Herta Müller. Herztier. Frankfurt a.M.: Fischer Taschenbuch Verlag, 2009 (1994).

Herta Mueller. Herztier Lang leve de commissie die de Nobelprijs voor de Literatuur uitreikt. In eerste instantie reageerde ik een beetje cynisch toen ik hoorde dat de prijs dit jaar naar Herta Müller zou gaan. Ik geloof dat ik de naam weleens had gehoord, maar ik wist helemaal niets over haar. Niet dat ze geboren was uit Duitse ouders in het communistische Roemenië — ik was er nauwelijks van op de hoogte dat er in Roemenië een Duitstalige minderheid was. Niet dat ze een grote stapel boeken heeft geschreven in allerlei genres: fictie, poëzie, essayistiek. Niet dat ze werkelijk prachtig, prachtig kan schrijven. Zonder de Nobelprijs was ik daar misschien ook nooit achtergekomen.

Toen ik vorige week in Duitsland was, kocht ik er de roman Herztier. De uitgever had snel van een aantal boeken van Müller herdrukt, en ik koos Herztier er tamelijk willekeurig uit, omdat het een roman was die volgens de omslagtekst beloofde over een van Müllers centrale thema's te gaan, de onderdrukking in communistisch Roemenië.

Nu spreekt dat omslag achteraf volgens mij niet helemaal de waarheid. Het zegt 'Eine Gruppe von Freunden leistet Widerstand gengen dat Terror-regime Ceausescus', maar met dat verzet valt het eigenlijk wel mee. Dat is nu juist het erge. Onder de studenten leeft onvrede met hun eigen leven en misschien een idealistisch beeld van het westen, maar de enige daad van verzet die ik kan ontdekken is dat de hoofdpersoon op zekere dat iets met poep op de muur van een Securitate-man schrijft — en dat gebeurt pas na eindeloze treiteringen van die Securitate.

Juist het feit dat dat getreiter zonder al te veel aanleiding plaatsvindt, maakt het zo treurig. En verder is ook die zware communistische deken niet het enige wat het leven zo verstikkend maakt. De burgerlijkheid van de ouders, en ook ik zal maar zeggen hun historische achtergrond (de vaders van de jongeren hebben doorgaans bij de SS gezeten) grijpen minstens evenveel naar de strot. Dat een van hen zelfs als hij uiteindelijk vrij is, en in Duitsland, zich alsnog uit het raam stort, hoeft je eigenlijk niet te verbazen.

Dan is er nog de stijl. Ik denk dat je wetenschappelijk zou kunnen bewijzen dat de gemiddelde zinslengte van Nobelprijswinnaars in de loop der tijd steeds korter wordt. Herta Müller schrijft heel korte zinnen, maar dat past ook in een bredere stijlopvatting, met veel heldere, steeds terugkerende beelden (groene pruimen, een speeltje met pikkende kippen, enz.) Aan Roemenië dacht ik tot nu toe alleen in zwartwitbeelden, maar ik heb nu de veel te felle kleuren gezien. Dankzij Herta Müller, en dankzij de Nobelprijscommissie.

18.10.09

William Shakespeare. A Midsummer Night's Dream. London: BBC, 1981 (1596).

William Shakespeare. A Midsummer Night's Dream De Nederlandse vertaling van Shakespeares Midzomernachtsdroom kende ik ooit vrijwel uit mijn hoofd. Ik speelde in een orkest dat een voorstelling begeleidde en hoorde het stuk dus heel vaak voorbij komen. Ik kon niet op het toneel kijken, maar de tekst beitelde zich in mijn hoofd.

Dat is inmiddels meer dan twintig jaar geleden. Sindsdien heb ik het stuk een aantal maal gezien, als film en in het theater. De Nederlandse tekst klonk altijd door — waar het in 'mijn' voorstelling grappig was geweest, wilde ik dat het nu ook grappig was, want de regie die ik begeleidde had de nadruk liggen op de humor.

Hoe grappig is de Midzomernachtsdroom? De Nederlandse tekst begint langzaam weg te zakken, en ik zag nu vooral parallellen met de Metamorphosen van Ovidius, dat ik onlangs gelezen heb. Dat komt niet alleen doordat in ieder geval het verhaal over Pyramus en Thisbe uit het boek van de Romeinse voorganger komt, maar de Midzomernachtsdroom is een stuk vol veranderingen: de eenvoudige handwerkslieden veranderen in toneelspelers, Spoel de Wever verandert in een ezel, de verliefden veranderen het object van hun liefde heen en weer terug, enz. Het stuk heeft bovendien in zekere zin een soortgelijke zorgeloze wreedheid, die vooral wordt belichaamd in Puck die alles vooral alleen maar lollig lijkt te vinden.

Het is bijna onmogelijk om Shakespeare onbevangen te lezen. Het is per slotte Shakespeare, bijna iedereen kent zijn stukken als het ware uit het hoofd. Maar hoe grappig is het nu echt? Het toneelstuk over Pyramus en Thisbe is waarschijnlijk nog steeds een van de hoogtepunten van de komische literatuur: een parodie op een vorm van toneelkunst die nog altijd bestaat, en een absurdistische sketch ineen. Ook de scenes in het bos, waarin ineens beide mannen verliefd zijn op de versmade Helena blijven altijd grappig. Maar de rest? De rest is onheilspellend, duister (wat moet Oberon met dat jongetje dat hij van Titania afpakt?) en verontrustend. Welke bosgeest zit er achter ons geluk?

17.10.09

Samuel Beckett. Malone Dies. New York: Grove Press, 1980 (1956).

Samuel Beckett. Molloy. Malone Dies. The Unnamable

Vertaling: Samuel Beckett

Malone gaat dood, hij ligt in een bed en wordt misschien verzorgd, soms wordt hem eten aangereikt en soms wordt zijn po geleegd. Hij ziet zijn bewakers of verzorgers niet en hij kan zijn bed niet uit. Soms roert hij met zijn stok in zijn schamele bezittingen, soms haalt hij wat persoonlijke herinneringen op (tussen neus en lippen vertelt hij dat hij vijf mensen vermoord heeft maar wie dat waren of waarom ze dood moesten, vermeldt hij niet) en verder belooft hij verhalen te vertellen: die verhalen zouden gaan over een vrouw, over een man, over een dier en over een steen, maar als ik het goed begrijp komt het alleen min of meer van het verhaal over die man, die aanvankelijk Sapo heet totdat Malone beseft dat Sapo een nare naam is; vanaf dan heet hij Macmann.

Macmann begint gaandeweg steeds meer op Malone te lijken, althans hij eindigt ook oud en eenzaam in een bed en krijgt een eigenaardige relatie met een verzorger die hem zijn schrijfpotlood wil afnemen en met een steen (!) allerlei mensen doodslaat.
Ook Molloy en Moran, uit Beckett's eerdere roman Molloy, hebben er iets mee te maken, al weet ik niet wat. Net als bij dat eerdere boek is het onmogelijk om Malone sterft samen te vatten zonder de indruk te wekken dat de schrijver en zijn lezers volkomen krankjorum moeten zijn.

Ik moet toegeven dat ik af en toe de draad een beetje kwijt was — maar het recept is doorlezen, je laten meeslepen en geen antwoord proberen te vinden op vragen als: hoe komt het dat er in Becketts gezinnen altijd zo'n enorm wantrouwen heerst over materiële zaken? (De vader van Sapo wil zijn zoon geen pen geven omdat die toch maar zoekraakt of stuk gaat. Zo dacht Malone ook over zijn zoon.) Waarom begint iedereens naam met een M? En wat moet dat met al dat verzamelen van armetierige bezittingen?

10.10.09

Virginia Woolf. A Room of One's Own. London: Penguin, 2000 (1928)

Virginia Woolf. A Room of One's Own.Hoe komt het dat vrouwen tot het begin van de twintigste eeuw nauwelijks grote literatuur schreven? Doordat ze geen eigen kamer hadden en onvoldoende eigen financiële middelen. Dat is de bijna marxistische slogan die Virginia Woolf in dit beroemde essay een aantal keer naar voren brengt. Maar wie doorleest, merkt dat de analyse veel complexer is.

A room of one's own is een essay dat voldoet aan het soort regels dat ik op school geleerd heb voor het essay: een persoonlijke gedachtegang wordt in prachtig Engels uiteengezet, en de schrijfster deinst er niet voor terug erbij te vertellen waar ze hoe op welke gedachte is gekomen en wat ze toen at, en evenmin is ze bang zichzelf tegen te spreken.

A room of one's own is prachtig.

Omdat vrouwen nooit de kans hebben gekregen te schrijven - Woolf bespreekt enkele prangende gevallen van Britse vrouwen die prachtig werk hadden kunnen leveren als de omstandigheden anders waren - is er ook geen traditie van vrouwelijk proza, van een ongedwongen vrouwelijke zin. Zo'n traditie moet nog helemaal worden opgebouwd, zegt Woolf, want vrouwen hebben niets aan de mannelijke traditie. Dat is een gewaagde stelling: want als vrouwen zo anders zijn dan mannen, hoe weten we dan zo zeker dat vrouwen überhaupt ooit kunnen schrijven?

Woolf levert zelf het bewijs, door weergaloze zinnen te schrijven:

I could not possibly go home, I reflected, and add as a serious contribution to the study of women and fiction that women have less hair on their bodies than men, or that the age of puberty among the South Sea Islanders is nine—or is it ninety?—even the handwriting had become in its distraction indecipherable.

En verder door een essay te schrijven over fictie, en daar dan fictie doorheen te vlechten. De zuster van Shakespeare zal nooit meer vergeten worden.

Samuel Beckett. Molloy. New York: Grove Press, 1980 (1955).

Samuel Beckett. Molloy. Malone Dies. The Unnamable
Vertaling: Patrick Bowles en Samuel Beckett
Molloy strompelde ooit door de wereld op zijn krukken, maar zit nu gevangen in het huis van zijn moeder, waar hij verslag uitbrengt aan een onbekende die zijn papieren komt ophalen en van aantekeningen en/of correcties voorziet. Moran wordt door een boodschapper van zijn opdrachtgever opgeroepen om Molloy te zoeken en hij trekt er samen met zijn zoon op uit om dat te doen. Natuurlijk moet hij zijn zoon, die net als hijzelf Jacques heet, af en toe mores leren, maar op een dag laat Jacques hem in de steek, terwijl hij nauwelijks nog kan lopen, zelfs niet op zijn krukken. Hij brengt verslag uit aan zijn onbekende opdrachtgever.
Samuels Beckett was volgens de literatuurhistorici de laatste modernist. Molloy is de eerste van drie romans die hij in de jaren vijftig schreef en die samen met enkele toneelstukken als Wachten op Godot de basis legden voor zijn roem.

De samenvatting die ik hierboven geef, klinkt vast heel afschrikwekkend, net als de mededeling over het modernisme. Toch is Molloy helemaal niet onleesbaar, zolang je het maar niet probeert te begrijpen. Ik lees dat er onderzoekers zijn die hebben beweerd dat Molloy en Moran dezelfde persoon zijn, of dat de een de opdrachtgever is van de ander. Die analyses wil ik wel eens lezen, maar op voorhand lijken ze me op de verkeerde weg.

Ik heb Molloy vooral over me heen laten komen, met alle paralellen, vreemde wendingen en verwarrende mededelingen. En dan valt er ook te lachen, bijvoorbeeld over Molloy die kiezels verzamelt om op te zuigen en een ingenieus systeem bedenkt om die kiezels zon zijn zakken op te bergen dat hij de kans dat hij vlak na elkaar op dezelfde kiezel zuigt, minimaliseert. Ook deze samenvatting klinkt misschien weer afschrikwekkend, maar geloof me: dat komt doordat je Molloy niet moet samenvatten.