27.11.13

Arnon Grunberg. Apocalyps. Amsterdam: Nijgh en Van Ditmar, 2013.

De personages van Arnon Grunberg houden niet van halve maatregelen. Er komt zelden iemand in zijn werk voor die maar een beetje dromerig op een bankje zit af te wachten op wat er komen gaat. Er woelt altijd van alles, de totale waanzin ligt altijd op de loer - en heeft alleen een aangrijpingspunt nodig, iets om helemaal op uit te kristalliseren. En dan barst binnen de kortste keren het geweld ook los.

Die kortste keren, zo blijkt uit deze bundel, die lenen zich uitstekend voor verhalen. In de romans is er soms een wat lange aanloop nodig voor de uitbarsting, of is de nasleep wat ingewikkeld en vergezocht, maar een korte verhaal kan precies zo'n explosie bevatten.

De waanzin schuift langzaam maar beslissend binnen. In het titelverhaal van deze bundel, bijvoorbeeld, krijgen we iemand voorgesteld die als kind met zijn ouders aan het Gardameer werkte, en die inmiddels na een loopbaan als fysiotherapeut als huis-aan-huisverkoper van meubelen in Nederland werkt. En die je goed kunt volgen, al is het misschien een wat zonderling idee om zoiets in een zwembroek te doen. Tot je ineens merkt hoe knettergek hij is, hoe gevaarlijk gek misschien. En dan is het al te laat, en wordt je alleen gered doordat het verhaal is afgelopen. Waarna je een andere rare kant van jezelf kunt ontdekken.

Jeroen Vullings schreef in Vrij Nederland vorige week dat het korte verhaal misschien wel hét genre voor Grunberg is. Dat lijkt me precies in de roos. Apocalyps vind ik een van de sterkste boeken die Grunberg ooit geschreven heeft.

Emma Fasol. Aangeraakt. Amsterdam/Antwerpen: Archipel, 2011 (2009).

Ik lees niet vaak boeken waarop 'Haar huwelijk ideaal, haar minnaar onweerstaanbaar' staat. Allemaal vooroordelen! Deze keer had ik een persoonlijke reden om weleens zo'n boek te lezen – ik bleek de schrijfster van meer dan dertig jaar geleden te kennen – en ik heb me geen moment verveeld.

Aangeraakt vertelt het verhaal van een Nederlandse vrouw (Ezra) van tegen de veertig: een eigen tekstbureautje, een man, een kind, een beste vriendin, die ineens zomaar op de snelweg na een aanrijding een man tegenkomt. En die steeds kleine stapjes zet naar het overspel: ah, een sms'tje sturen, dan kun je altijd nog terug, ah, een kopje koffie drinken, dat doe ik met andere mannen ook. En het vertelt dat verhaal op een enorm meeslepende manier. Je kunt je bijna niet niet met Ezra vereenzelvigen en zo langzaam maar zeker met haar mee je hele huwelijk overhoop halen.

Het boek is bijna geschreven als het script van een tv-film. De stijl vestigt niet erg duidelijk de aandacht op zichzelf. Er zijn veel dialogen die heel naturel zijn, omdat je ze zo om je heen zouden kunnen horen. Maar er zou ook iets verloren gaan met zo'n film: bijvoorbeeld dat de twee mannen in Ezra's leven allebei wat schetsmatig zijn en geen duidelijk gezicht hebben.

Er zitten een aantal intrigerende details in (zoals dat er door het hele boek voortdurend aandacht is voor drinken: al in de eerste scene, bij het ongeluk, ziet Ezra een leeg blikje cola liggen, en daarna worden er het hele boek door voortdurend vloeistoffen genuttigd – het dorre leven moet flink begoten worden)!

Aangeraakt lijkt me om de een of andere reden duidelijk als een vrouwenboek in de markt gezet. Dat lijkt me onterecht. Dit is hoe ontrouw een goed huwelijk binnen kan sluipen en het dan binnen korte tijd van binnenuit kan opeten. Dit kan een man ook overkomen; zo werkt de mens.

Ik heb vijfendertig jaar geleden bij een schrijfster in de klas gezeten.


3.11.13

Tomas Ross. De tweede november Uitgeverij Cargo, 2013.

Gisteren was het precies negen jaar geleden dat Theo van Gogh werd vermoord. De week voor zijn dood had hij nog ruzie gemaakt met thrillerschrijver Tomas Ross over de montage van de film De zesde mei, over de moord op Pim Fortuyn. Ross had het scenario van die film geschreven, waarin werd gesuggereerd dat de AIVD die moord bewust niet had verhinderd.

Al op de dag van de moord vroeg een journalist aan Ross of er nu ook een boek kwam De tweede november. Ross wees dat van de hand als ongepast, en bovendien vond hij het niet aan de orde: dit was duidelijk geen complot, maar de actie van een groep dolgedraaide moslimjongeren.

Inmiddels is Ross er anders over gaan denken, en nu is deze week De tweede november toch verschenen. Er zat, in dit nieuwe boek, wel degelijk wat achter. Van Gogh krijgt bewijzen in handen dat de overheid inderdaad wat afwist van de moord, en dat Mat Herben per se Pim Fortuyn moest opvolgen om de JSF erdoor te drukken. En dat gebeurt een paar uur voordat hij wordt vermoord.

De AIVD speelt in De tweede november de rol van een misdadige organisatie, die vooral eigen medewerkers afluistert en als het zo uitkomt op gruwelijke wijze vermoordt. Een joods-Marokkaanse informant, Hamid Mansur, die oorspronkelijk is ingehuurd om Mohamed Bouyeri (die ook al voor de AIVD blijkt te werken) te bespioneren, krijgt uiteindelijk die hele organisatie achter zich aan wanneer hij teveel bewijzen blijkt te verzamelen. Samen met de journaliste Puck Labrie van De Telegraaf probeert hij zo snel mogelijk duidelijk te krijgen wie er nu eigenlijk vermoord gaat worden op 2 november ('een politicus die bevriend was met Pim Fortuyn').

Ik lees zelden thrillers, maar dit boek (waarvan de uitkomst in zekere zin natuurlijk duidelijk is, in ieder geval voor iedereen die ouder is dan een jaar of 25) zit bijzonder knap in elkaar. Fictie en werkelijkheid zijn wel heel knap door elkaar vermengd: dat iemand die fictie maakte van een eerdere moord uiteindelijk vermoord wordt, waarbij de fictie suggereert dat die moord wel degelijk met de eerste te maken had - dat is heel knap gedaan. Zoals er ook allerlei aardige details in zitten (sommige personages zijn intensief bezig met complottheorieën rondom de moord op Kennedy – Ross is natuurlijk bezig daar het Nederlandse equivalent van te construeren).

Het enige echt onwaarschijnlijke detail in het boek vond ik dat Puck Labrie te pas en te onpas door allerlei voorbijgangers wordt herkend van het fotootje dat naast haar column in De Telegraaf staat (ze is ook op AT5 geweest, maar daarvan kun je in Delft ook niet herkend worden). Dat wil niet zeggen dat ik in het werkelijke leven echt geloof hecht aan het verhaal van De tweede november. Ik denk ook niet dat dit de bedoeling van Ross is – hij schept een literair genre waarin ingenieuze alternatieve werelden worden geschapen die helemaal compatibel zijn met wat wij over onze wereld weten. Maar het heeft een intrigerend boek opgeleverd, een waar monument voor de dikke man die die negen jaar geleden zomaar overhoop gestoken werd.

2.11.13

Hans Münstermann. Mischa. Uitgeverij De Kring, 2013

Eerder deze week was Hans Münstermann op de radio om iets te vertellen over zijn nieuwe boek, Mischa. Ik kende Münstermanns naam wel, maar had nog nooit iets van hem gelezen. Maar tijdens het interview las hij tweemaal een langer fragment voor uit dit boek en daarbij gebeurde iets geheimzinnigs: hij zoog je helemaal het boek in. Het interview was er niet meer, dit was geen illustratie, hier werd voor je ogen een vrouw voor ogen getoverd, een vrouw van 65 die moet leren leven met het idee dat haar zoon verdacht wordt van een van de ernstigste misdaden die je je kunt voorstellen: de ontvoering van, het misbruik van, de moord op een tienjarig kind.

Dus heb ik het boek meteen gekocht. Mischa is toch iets minder meeslepend wanneer de auteur het niet zelf voorleest. Het thema is aangrijpend: hoe ga je om met die gedachte, het gevoel dat je eigen kind, inmiddels een succesvol man van veertig, ergens diep in zichzelf verstopt een monster lijkt te hebben gekoesterd?

Rosa Weber gaat daar eigenlijk niet mee om. Ze blijft vooral bijna alle tijd ontkennen dat er iets aan de hand kan zijn, ze wil zich niet voorstellen dat haar zoon zoiets onvoorstelbaars gedaan heeft. Ook de schrijver maakt af en toe de indruk terug te deinzen voor zoveel gruwelijks. De zoon, de dader, komt bijna letterlijk nauwelijks aan het woord. Hij zit in de gevangenis, contact is onmogelijk en hij is bovendien heel zwijgzaam geworden. We komen hem niet nader, deze vertegenwoordiger van het absolute kwaad. We zien wel dat Rosa veel van hem houdt om de sympathieke, intelligente, liefhebbende zoon die hij ooit was. Maar wie zien die sympathieke, intelligente, liefhebbende kantjes niet, ook niet echt in de paar scenes waarin Rosa zich het verleden herinnert. We zien alleen een man die sinister zwijgt.

Verder zitten er allerlei draadjes in het boek die ik niet kan plaatsen. Waarom moet het verhaal van het huwelijk van Rosa met Sep die vijf jaar eerder overleed in detail worden verteld (hoe ze elkaar ontmoetten en voor het eerst met elkaar naar bed gingen, wat haar ouders van hem vonden). Ik weet gewoonweg niet hoe ik zoiets moet plaatsen; het lijkt me met de kern van het verhaal niet veel te maken hebben, er wordt van mij niet veel duidelijker door over Rosa of haar zoon Christiaan. Er wordt een paar keer gemeld dat vader en zoon uiterlijk op elkaar lijken – je zou dan kunnen denken: misschien was er dus met de binnenkant van een vader met een zozeer gelijkende binnenkant ook iets mis.

Ik heb Mischa in een paar uur uitgelezen, maar ik geloof niet dat ik snel weer naar een boek van Münstermann grijp. Tenzij het een door hemzelf voorgelezen luisterboek zou zijn.