Posts

Posts uit januari, 2021 weergeven

Walter van den Berg. Schuld. Amsterdam, Das Mag, 2016.

Afbeelding
  Schuld  is een boek met bijna alleen maar mannelijke hoofdpersonen, die in hoofdmoot proberen zich zo mannelijk mogelijk te gedragen: er zijn maar weinig boeken waarin een personage alleen ok  zegt. Ze begeven zich in criminele of semicriminele milieus, ze rijden met gestolen telefoons in hun auto door nachtelijk Amsterdam. Ze zeggen dingen als kankerlul.  Slechts één van de zes hoofdpersonen is een vrouw, Sandra. En toch kun je Schuld  lezen als een boek over de verhouding tussen man en vrouw.  De titel geeft de rode draad weer in die relatie. Dat is deels een macho-houding: een belangrijk deel van de intrige is dat Sandra door haar man mishandeld wordt. Uiteindelijk kom je er als lezer – spoiler alert – achter dat zij haar man daarop doodslaat. Maar zelfs die enige daad van opstandigheid wordt haar niet gegund: een andere man, Ron, neemt de schuld voor die doodslag op zich, op voorwaarde dat ze 'er ook voor mij zal zijn' als hij terugkomt uit de bak.  Ook Rons moeder is ern

Carlo Minnaja. Introduzione alle letteratura esperanto. Parma: Athenaeum, 2019.

Afbeelding
  Dat er nu al ruim 130 jaar literatuur wordt geschreven in het Esperanto – dat mensen pogingen doen kunst te scheppen in een kunsttaal, ik geloof niet dat er mensen zijn die het weten. Als je het mij vraagt, zit er ook nog geen Divina Commedia,  geen Hamlet , en geen Madame Bovary tussen, en zelfs geen Max Havelaar. Maar het feit er zijn wel een paar interessante boeken verschenen en het feit dat die literatuur er is, is op zich interessant. Waarom besloten schrijvers te kiezen voor zo'n tal met internationale aspiraties die niet hun moedertaal was (er zijn slechts een paar moedertaalsprekers van het Esperanto, en geen van hen heeft tot nu toe literaire ambities getoond) en tegelijkertijd hun bereik verkleinde? En waar schreven ze dan over? Carlo Minnaja, een Italiaanse wiskundige uit 1940 (en zelf wel moedertaalspreker) is een groot kenner van de taal en de literatuur. Eerder schreef hij samen met zijn landgenoot Giorgio Silfer een gigantische Historio de la Esperanto Literaturo,

Barber van de Pol. Lieve Erasmus. Verkeren met een denker. Amsterdam: Athenaeum, Polak & Van Gennep, 2002

Afbeelding
  Was Erasmus 'lief'? Het lijkt me niet het eerste wat in je opkomt, maar de essayiste Barber van de Pol claimde bijna twintig jaar geleden verliefd te zijn op deze denker – een wat wonderlijke stijlfiguur. Het wordt niet helemaal duidelijk wat de basis is van die verliefdheid, of dit niet gewoon een fascinatie betreft, voor inderdaad een van de belangrijkste Nederlandse schrijvers – een die eigenlijk nauwelijks gelezen wordt, afgezien van de Lof der Zotheid . Van de Pol laat in ieder geval zien dat die ongelezenheid onterecht is, dat de oude Desiderius nog steeds wat te zeggen heeft voor onze tijd. Al valt tegelijkertijd op hoe ver de tijd van haar – het begin van dit geplaagde millennium – al afstaat van deze. Ze beschrijft nog een tijd in Amsterdam die je alleen maar onbezorgd kan wonen – een groep vrienden van haar die allemaal ervan overtuigd lijken in de best mogelijke tijd te leven in een 'grote stad' (dat is een epitheton dat Van de Pol echt van toepassing verkl